Fotoshoot pastoor Geudens door Marloes van Loon

Comment 1 Standaard

Fotoshoot; hier http://marloesvanloon.com/fotoshoot

Marloes: “Voor het onderdeel Portret zouden we een serie foto’s maken rondom het thema ‘Helden en Idolen’. Ik heb hierbij gekozen voor het Priesterschap als beroep. Mijn oom is priester en de laatste tijd lijken mensen dat beroep steeds vaker als niet meer noodzakelijk te zien, terwijl het wel een beroep is waarvoor je heel wat opoffert en waarbij heel je leven in het teken van het priesterschap staat en waar je dus best tegenop mag kijken. De eerste categorie moesten we ons model ‘heroïsch’ afbeelden. Bij de tweede zouden we foto’s maken voor in een vakblad. De derde voor in een magazine en de laatste categorie mocht je zelf invullen waarbij ik geprobeerd heb het leven achter het priesterschap te laten zien”.

Marloes van Loon, 15-12-1993; studente Academie voor Beeldende Kunsten Maastricht; studeerrichting Visuele Communicatie. ​Op haar website MarloesvanLoon.nl zijn een aantal van haar projecten te zien. 

Pastoor Geudens

Sint Nicolaas (catechese groep 7 en 8)

Leave a comment Standaard
Sint Nicolaas van Myra, naamgever van de kerk.

Sint Nicolaas van Myra (Photo credit: Wikipedia)

Vol verwachting klopt ons hart

Als je in oktober in Nederland een supermarkt binnenloopt, dan zie je al een hoop typische Sinterklaaslekkernijen in de rekken liggen: pepernoten, marsepein, schuimpjes en speculaas. Elk jaar weer vieren we in Nederland de aankomst van Sint Nicolaas op grootse wijzen. Ieder jaar bekijken meer dan een half miljoen mensen via de televisie live de intocht van de goedheiligman als deze zijn eerste voetstappen zet op Nederlandse bodem. Het Nederlands Centrum voor Volkscultuur hield in 2010 onder Nederlanders een enquête voor het samenstellen van een ‘Traditie-top-100’. Op nummer één kwam pakjesavond te staan.

Maar wie is nu Sint Nicolaas? Wat weten we van hem en waarom wordt hij als heilig vereerd?

Sint Nicolaas, wie kent hem niet?

Nicolaas werd geboren rond het jaar 270 in de plaats Patara in Turkije. Hij groeide op als enig kind in een christelijk en rijk gezin. Zijn vader heette Epiphanus en zijn moeder Johanna. Zij ouders gaven hem de naam Nicolaas. Zijn naam betekent: ’overwinnaar van het volk’. Hij zou het volk gaan overwinnen door het een nieuw geloof te verkondigen, namelijk het geloof in Christus en een leven na de dood.

Al jong werd hij wees, en erfde hij van zijn ouders een fortuin. Dat hij verstandig met zijn geld omging bleek al gauw uit een van de oudere verhalen, die mensen al vroeg na zijn dood over hem vertelden.

De drie bruidsmeisje

Ongetwijfeld hebben jullie vroeger je schoen mogen zetten. Weet jij waar dit vandaan komt? De oorsprong van dit gebruik gaat terug naar een verhaal uit Patara, waar de jonge Nicolaas een arme man met drie dochters te hulp schoot. De man had weinig bezittingen om zijn drie dochters een bruidsschat mee te geven. Volgens het Romeinse recht was je verplicht om aan je dochter bij het huwelijk een fatsoenlijke bruidsschat mee te geven. Kon je dat niet, dan zou jij als ouder je dochter moeten verkopen als slavin of haar moeten dwingen haar eigen lichaam te verkopen. Daarom dacht hij erover na om zijn dochters naar het bordeel te brengen. Nicolaas hoorde dit verhaal. Hij greep in. De eerste nacht gooide hij een geldbuidel door het raam naar binnen. De vader vond het geld en kon zo zijn oudste dochter uithuwelijken. Toen Nicolaas zag dat de vader verstandig met het geld was omgegaan, kwam hij nog twee nachten lang langs en gooide door het raam een buidel met geld naar binnen (volgens een ander verhaal een goudklomp). De laatste geldbuidel viel neer voor de schoenen van de derde dochter. De derde nacht lag de vader op de loer en zag hoe Nicolaas de onbekende gulle gever was. Hij bedankte de jongeman. Zo redde Nicolaas de eer van de drie bruidsmeisjes en werd hij de beschermheilige van jonge meisjes en vrouwen en van mensen die willen gaan trouwen.

Uit deze legende groeide het gebruik van het zetten van de schoen. In de Middeleeuwen trokken religieuzen rond die gevulde sokken met lekkernijen voor de deuren legden van arme mensen. Omdat schoenen erg duur waren, hingen arme gezinnen hun sok op aan de haard. Dit gebruik zou vooral in Amerika worden overgenomen. Men zou op den duur de schoen gaan vervangen door een sok, die aan de kachel of haard werd opgehangen en gevuld zou worden door Santa Claus.

In Utrecht vond men in het archiefstukken terug, dat kinderen van arme gezinnen in de Sint Nicolaaskerk van die stad hun schoen mochten zetten op 5 december. De rijke Utrechters legden wat in de schoenen op 6 december, de officiële sterfdag van de Heilige Nicolaas.

Beschermer van de zeelieden

Nicolaas viel op door zijn christelijke geloof en door zijn daden van naastenliefde. In Myra werd hij gekozen als bisschop van deze stad. Myra en ook Patara zijn plaatsen die je terug vindt in het Nieuwe Testament. Het zijn namelijk twee plaatsen die bezocht werden door de apostel Paulus in de tweede helft van de eerste eeuw na Christus. In beide plaatsen zat al vroeg een kleine christelijke gemeente. Nicolaas loodste zijn kleine gemeenschap door een zware periode. Het was de tijd van de christenvervolgingen, die begonnen waren onder Romeinse keizer Diocletianus (242-316, keizer van 284-305). Als bisschop was hij een gezagsdrager en we weten dat hij werd gearresteerd en in de gevangenis werd mishandeld. Uiteindelijk kwam er onder keizer Constatijn de Grote (280-337, keizer van 312-337) rust in het Romeinse Rijk en groeide het christendom uit tot staatsgodsdienst.

In de tijd dat Nicolaas bisschop van Myra was, raakte een graanschip voor de kust van Lykië, dichtbij de haven van Myra, in nood op volle zee. Het schip werd overvallen door een zware stroom. De zeelieden en de kapitein raakten in paniek. Van alle kanten beukten de golven tegen het schip. Ten einde raad begonnen zij te bidden tot God. Een van de zeelui herinnerde zich dat in Myra een heilige bisschop leefde. Zo begonnen zij ook hardop tot hem te bidden en vroegen hem om hulp. Opeens stond Nicolaas op het dek van het schip. Hij hielp hen waar hij maar kon. Hij sprak de zeelui moed in. Het leek alsof hij overal tegelijk was. Samen pakten zij allen aan en bereikten uiteindelijk behouden de haven van Myra. De zeelui waren blij en dankbaar en begaven zich naar de kerk. Daar zagen ze juist hoe bisschop Nicolaas met enkele priesters de eucharistie vierde. De zeelieden herkenden hem direct. Na de mis brachten zij hem dank.

Al gauw deden steeds meer verhalen de ronde hoe Nicolaas talloze drenkelingen redde uit hun nood. Vanaf de 9de eeuw groeide in havensteden en plaatsen langs belangrijke rivieren het aantal kerken dat naar hem werd vernoemd. Dit was mede te danken aan de Noormannen, een zeevarend volk, die vaak de voorspraak inriepen van Nicolaas voor een behouden vaart. Zo kwam het dat Nicolaas de patroonheilige van de stad werd. De oudste kerk van Amsterdam is een Nicolaaskerk. Kijk ook maar eens naar het stadswapen van Amsterdam. De drie kruisjes verwijzen naar het getal drie waarmee Nicolaas altijd mee wordt verbonden.

Het sterven van Nicolaas

Over het sterfjaar van St.Nicolaas verschillen de bronnen. Voor de een is dit het jaar 340, voor de ander het jaar 342 na Christus. Op zijn stervensuur zouden de monniken en de verzamelde mensen rondom Nicolaas hemelse muziek gehoord.

Nicolaas werd begraven in een marmeren graftombe. Na zijn overlijden werd Nicolaas net buiten de stad Myra begraven. De oudste geschreven bronnen vertellen dat rond 520 na Christus al vele pelgrims de basiliek met het graf bezochten. Rond de 8ste eeuw was de basiliek te klein voor het aantal pelgrims en vonden er uitbreidingen plaats. Ondertussen was er een klooster aangebouwd, omdat men de liturgie en de verzorging van het graf aan monniken hadden toevertrouwd.

In 1087 namen zeelieden uit de stad Bari de relieken uit Myra mee en brachten ze over naar hun stad in zuid-Italië. Daar bouwden zij voor de heilige Nicolaas een prachtige Romaanse kerk. Van hieruit nam de verering voor St. Nicolaas steeds meer toe.

De drie studenten

Als je een beeld, een plaatje of een glas-in-loodraam van Nicolaas ziet, dan zie je, dat er ook vaak drie kinderen zijn afgebeeld een pekelton. Deze symboliek gaat terug tot een legende, die zijn wortels in Noord-Frankrijk heeft. Hij dateert uit de 12de eeuw, misschien zelfs uit de 11de eeuw. Het verhaal gaat, dat er eens drie studenten aanklopten bij een herberg om daar te willen overnachten. De herbergier liet ze binnen en zag later, dat de drie studenten veel geld bij zich hadden. De hebzucht nam het van de herbergier over. In de nacht vermoordde de herbergier de drie studenten. Vervolgens slachtte hij de drie jongeren en deed ze, nadat hij hen in stukken had gesneden en gezouten, in een grote pekelton. Hij was van plan hen als vlees te verkopen aan zijn klanten.

Kort daarna kwam de heilige Nicolaas langs de herberg. Hij wist wat er gebeurd was, wees op de pekelton en bracht de drie studenten weer tot leven, nadat hij voor hun gebeden had tot God. De herbergier bekeerde zich en zou in Frankrijk de rol gaan overnemen van onze zwarte piet, le Père Fouettard genaamd.

In een andere versie van deze legende zou het niet om een herbergier gaan, maar om een slager. De drie scholieren zouden priesterstudenten zijn geweest. De drie priesterstudenten werden later studenten. In weer een latere versie van deze legende zijn de studenten vervangen door scholieren of kinderen. Zo werd St. Nicolaas onze kindervriend. Sint Nicolaas is een heilige geworden vanwege zijn grote mildheid en vrijgevigheid. Maar vooral ook omdat hij standvastig bleef in een tijd waar mensen vanwege hun christelijk geloof werden vervolgd. Hij bleef een rots in de branding. En een beschermer van het onschuldige.

Waar komt zwarte piet vandaan

Sint Nicolaas (Sinterklaas)

Pieterbaas

Er zijn veel verschillende verhalen bekend over waarom zwarte Piet Sinterklaas hielp en waar hij vandaan komt. Het meest waarschijnlijke verhaal is dat Sinterklaas een slaaf uit Ethiopië heeft bevrijd. Deze heette Pitter. De slaaf was zo blij dat hij bevrijd was en bleef bij Sinterklaas. Gedurende de jaren zijn er veel meer zwarte Pieten gekomen en dat komt waarschijnlijk doordat Sinterklaas hulp nodig heeft en het is natuurlijk erg feestelijk.

Bron: vgl. ‘Het Licht op ons pad’; http://www.hetlichtoponspad.com/home

Brief van Sint Nicolaas voor de kinderen (catechese groep 4)

Leave a comment Standaard

Lieve kinderen,

Sint Nicolaas

Sint Nicolaas

Nu het bijna weer Sinterklaas is en jullie het feest gaan vieren van mijn naam, wil ik jullie graag iets over mijzelf vertellen. Misschien wel iets verklappen!

In het land dat nu Turkije heet, ben ik geboren. 270 jaar later dan Jezus. Ik ben dus nu 1744 jaar. Ach, wat maakt het ook uit. Ik ben gewoon stokoud en zelf ben ik de tel ook weleens kwijt. Piet schrijft het altijd voor mij op.

In Nederland noemt men mij al sinds de 17e eeuw, al heel lang dus, Sinterklaas. Dat komt van ‘Sint Heer Nicolaas – Sint Heer Klaas’. Sint mag je ook wel zeggen.

Dat is nog gemakkelijker. Een ‘goedheilig man’, zo word ik ook wel genoemd. En dat ben ik ook. Ik maak graag mensen blij. Dat doe ik door ze te laten weten dat ik ze niet vergeet en dat ik van ze houd. Ik hou heel veel van mensen, of ze nu groot zijn of klein. Ik vind het leuk wanneer mensen samen zijn en het gezellig hebben. Ik wil altijd graag weten hoe het met ze gaat en wat ze allemaal doen. En ik wil ze belonen. En van kinderen houd ik het allermeest. Ik vind het fijn dat mensen gedichten voor elkaar schrijven in mijn naam. Dat ze elkaar op een aardige manier de waarheid zeggen en een cadeautje geven. Ik strooi graag goede en lekkere dingen rond. Het liefst zonder dat jullie mij zien. Zelfs ben ik niet zo belangrijk, maar ik geef graag wat weg aan anderen.

Iemand die heel veel goede dingen doet voor anderen, noemen we een heilige en krijgt het woord “Sint”voor zijn naam, vandaar dat ik Sint Nicolaas heet. In veel grote steden, vooral die aan zee liggen, hebben ze een St. Nicolaaskerk. Dat komt omdat ik altijd met de stoomboot reis.

Ook al ben ik heel oud, ik probeer altijd om bij de tijd te blijven. Vroeger gebruikten de mensen mij om kinderen bang te maken. Of nog erger om ze te straffen als ze stout waren. Dat vind ik niet zo leuk en gelukkig zijn de kinderen nu ook niet meer bang voor mij! Dat hoeft ook helemaal niet. Over de daken ga ik vooral in mijn dromen. Dan denk ik aan de tijd dat ik nog jong en heel lenig was. Maar in het echt… maak ik liever een rustig ritje in het maanlicht. Dat doet de oude Sint nog wel goed.

Nu begrijpen jullie, dat ik dus de heilige Sint Nicolaas ben. Ik draag de kleren van een bisschop. Al mijn kleren hebben ook een betekenis. Dat zal ik jullie een beetje uitleggen.

Wat misschien wel het meeste opvalt is mijn mijter. Die draagt de paus ook. Hij is rood en er staat een groot kruis op, meestal van goud. Dat is omdat ik heel veel van God houdt.

En zonder staf voel ik mij niet compleet. Mijn staf lijkt op een herdersstaf. Je zou een bisschop, en mij dus ook, kunnen vergelijken met een herder, die heel goed op zijn schapen past. Ik moet als bisschop goed op de mensen passen. Mijn staf is gemaakt van koper of goud.

Als onderkleed draag ik een albe, van wit linnen. Dit betekent dat ik goed en netjes ben. Misschien kennen jullie dit wel van de priester of de misdienaars in de kerk. Zij hebben zo’n zelfde kleed aan als ik. De albe wordt rond het middel, om mijn buik heen, vastgebonden met een koord, dat noemen we een cingel. Dit betekent dat ik verbonden ben met God.

Om mijn hals draag ik een stola. Dit is een lange smalle strook stof. Het betekent dat jullie mij kunnen vertrouwen. Mijn rode mantel lijkt ook op de kleding van een priester. Dat noemen we een koormantel. En dan draag ik nog een ring, een heuse bisschopsring en een borstkruis. Die heb ik gekregen toen ik bisschop werd. Daar ben ik heel zuinig op.

Lieve kinderen, nu heb ik heel veel over mijzelf verteld. Misschien wisten jullie al heel veel, maar ik hoop dat ik jullie ook nog nieuwtjes heb geschreven in deze brief.

Ik wens jullie een heel fijne tijd toe, tot aan mijn feest. En dan is het ook nog Advent. Een tijd waarin we wachten op de geboorte van Jezus. Het is dan ook niet toevallig dat we de laatste tijd steeds praten over ‘wachten en verwachten’. Ik wens jullie veel plezier met de liedjes, de pepernoten en de cadeautjes. En daarna wachten en dromen dat Jezus met Kerstmis zal komen. Ik hou veel van jullie allemaal,

Hartelijke groeten,

Sint Nicolaas, bisschop van Myra

Bron: vgl. ‘Het Licht op ons pad’; http://www.hetlichtoponspad.com/home