
Viktor Frankl: Het ultieme voorbeeld van in je kracht staan
Soms zitten in de grootste gruwelen ook de grootste lessen. Dat leren we van Viktor Frankl, een Joodse psychiater die in de Tweede Wereldoorlog wordt gedeporteerd naar verschillende concentratiekampen. Zijn vrouw Tilly wordt vermoord. Zijn ouders worden vermoord. En Victor Frankl overleeft. Hoe is het mogelijk om op zo’n moment in eigen kracht te staan?
Dat gaat niet bepaald vanzelf in zo’n kamp. Gevangenen worden elke dag mishandeld. Er is veel te weinig eten en elke dag opnieuw moet hij uren en uren dwangarbeid doen, in de Tsjechische zomerhitte en de Poolse kou. Het leven lijkt hem volkomen zinloos. Hij ziet het om zich heen gebeuren, hoe door de vernietigende kracht van de Nazi-misdaden alle wil om te leven langzaam verdampt. Na de eerste schok van nieuwe gevangenen als ze zien waar ze zijn terechtgekomen, worden ze vervolgens één voor één opgevreten door het donker – de apathie, de moedeloosheid, de onverschilligheid. Als je zo hard wordt aangevallen, waarom zou je dan nog terugvechten?
Zij staan in hun kracht
Bij Viktor Frankl gebeurt iets anders. Ook in zo’n kamp is hij nog steeds psychiater en die bril zet je nooit helemaal af. Hij begint zijn medegevangenen te observeren. En op een dag valt hem wat op.
Er lopen gevangenen rond, door de barakken, slenterend over het kamp, om anderen op te vrolijken en te troosten. Ze schenken hun laatste korst brood, waar ze zelf misschien wel uren voor hebben moeten werken, aan anderen. Iedereen leeft onder enorme stress, voedseltekort en slaapgebrek en hoewel het lijkt alsof je maar op één manier op deze omstandigheden kunt reageren, doen deze mannen het tegenovergestelde. Zij staan in hun kracht.
Keuzevrijheid, is onze grootste kracht
In zijn boek De Zin van het Bestaan schrijft Frankl: “Hun aantal was wellicht klein, maar toch hebben deze mannen overtuigend bewezen dat één ding de mens niet kan worden ontnomen: de allerlaatste menselijke vrijheid – de keuze om onder alle omstandigheden zijn eigen houding te bepalen en zijn eigen weg te kiezen.”
Terug in zijn barak ontdekt hij dat er veel mensen zijn die hem iets aan willen doen. Bewakers komen hem mishandelen, andere gevangenen stelen zijn laatste spullen. Elke dag is gevaarlijk en het is altijd onzeker of hij er morgen nog is.
Dan neemt hij een onwaarschijnlijk krachtig besluit. Hij zegt: niemand kan mij kwetsen. Ze kunnen me op allerlei manieren proberen pijn te doen, maar ik ben de enige die bepaalt of het me raakt. Alles wat er buiten me gebeurt, hoeft niet te beïnvloeden hoe ik mij vanbinnen voel. Tussen de prikkels van buitenaf en mijn reactie daarop, ligt de menselijke vrijheid om te kiezen. Die keuzevrijheid, is onze grootste kracht.
Hij staat op en begint er over te vertellen. Zijn barak komt tot leven. Bewakers komen luisteren.
En Viktor Frankl leeft.