Wanneer mocht jij eigenlijk bestaan?

Standaard

Wanneer mocht jij eigenlijk bestaan?

Over waardigheid en de wijsheid aan de rand van de Academie


Voorwoord

Deze tekst wil geen betoog zijn in strikte zin, maar evenmin een vrijblijvend stukje proza. Zij is ontstaan uit de overtuiging dat waarheid niet alleen wordt voortgebracht in collegezalen en boeken, maar ook — en soms vooral — in de ontmoetingen die zich afspelen aan de rand van het academische leven.

Wat hier volgt is een reflectie op menswording, bevestiging en waardigheid, verwoord vanuit het perspectief van theologie en psychologie, maar gericht tot iemand die zelden in zulke termen wordt aangesproken. Juist daarin ligt haar bedoeling: zichtbaar maken dat wijsheid niet samenvalt met positie, en dat sommige vragen meer onthullen dan hele bibliotheken.


Beste man, die de gangen schoonhoudt, terwijl wij denken,

Sta mij toe dit even te formuleren zoals ik het in de collegezaal zou doen —
maar dan zonder PowerPoint,
en met aandacht voor degene die het lokaal schoonhoudt
terwijl wij professoren denken dat wij het begrijpen.

Wat wij, met onze boeken, termen en theorieën, bevestiging noemen,
is in wezen niets anders dan dit:
dat een mens innerlijk tot rust komt
omdat hij niet langer hoeft te bewijzen
dat hij het recht heeft om te bestaan.

De psychiater Anna Terruwe heeft dit klinisch zichtbaar gemaakt:
waar een mens nooit bevestiging ontving,
ontstaat geen vrijheid maar spanning;
geen liefde maar controle;
geen openheid maar overleving.1

De theologie —
waar ik beroepshalve mijn brood mee verdien —
heeft daar eeuwenlang moeite mee gehad.
Zij sprak sneller over zonde
dan over angst,
sneller over plicht
dan over gemis.2

En toen kwam jij binnen,
met een dweil en een zin
die geen enkele professor kan verbeteren:

“Wanneer mocht jij eigenlijk bestaan?”

Zie je, man die de gangen schoonhoudt,
daar valt de hele antropologie stil.

Want die vraag raakt aan wat wij
de voor-ethische laag van het mens-zijn noemen:
dat iemand eerst moet zijn,
voor hij iets kan doen (agere sequitur esse);3
dat hij eerst moet ontvangen,
voor hij zich kan geven.4

Wij professoren noemen dat
gratia praeveniens,
affectieve ontvankelijkheid
of relationele constitutie van de persoon.5

Jij noemt het:

“Dat je niet steeds zo je best hoeft te doen.”

En eerlijk gezegd —
dat is preciezer.

Dus als jij ’s avonds de gang schoonmaakt
waar wij over het Kruis debatteren,
weet dan dit:
jij bewaakt iets wat wij vaak vergeten zijn,
namelijk dat waarheid alleen landt
waar iemand zich veilig weet.6

En mocht iemand je ooit vragen
wat jij bijdraagt aan de theologie,
zeg dan gerust:

“Ik help mensen zodat ze niet vallen
over dingen waar ze nooit over mochten praten.”

Dat is —
naar mijn beste academische oordeel —
meer dan genoeg.

Met achting —
en met dank voor het schoonmaken
van wat wij intellectuelen soms onbedoeld achterlaten.

De professor


PS

Het is goed mogelijk dat wij de antwoorden van de man met de poetsmiddelen niet meteen begrijpen. Misschien klinken zijn woorden zelfs ingewikkelder dan die van de professor. Dat ligt niet aan hun moeilijkheid, maar aan hun eenvoud.

Sommige zinnen zijn zo direct, zo dicht bij het leven, dat wie gewend is aan uitleg en theorie er eerst geen grip op krijgt. Ze vragen geen analyse, maar herkenning. Wie ze niet meteen begrijpt, hoeft ze niet te verklaren — het is vaak genoeg om ze even te laten staan.


Slotwoord

Deze tekst wil geen tegenstelling creëren tussen denken en doen, tussen academie en dagelijks werk. Integendeel: zij wil laten zien dat ware kennis ontstaat waar denken en leven elkaar ontmoeten. Waar woorden wortel schieten in ervaring, en waar vragen niet worden gesteld om te ontmaskeren, maar om ruimte te scheppen.

Misschien is dat uiteindelijk de taak van elke wetenschap die zich met de mens bezighoudt: niet om mensen hoger op te tillen dan zij kunnen dragen, maar om de grond onder hun voeten begaanbaar te maken.

Voetnoten

  1. A. Terruwe, De bevestigingsleer; vgl. A. Terruwe & C. Baars, Psychic Wholeness and Healing. ↩
  2. Vgl. kritische noties in de pastorale theologie over moraliserende benaderingen zonder affectieve gronding. ↩
  3. Klassieke formulering bij Thomas van Aquino: agere sequitur esse (Summa Theologiae). ↩
  4. Idem; ontvankelijkheid als voorwaarde voor moreel handelen. ↩
  5. Gratia praeveniens (voorafgaande genade): Rom. 5,8; Fil. 2,6–11. ↩
  6. Relatie en veiligheid als voorwaarde voor waarheid en leren; vgl. personalistische antropologie. ↩

Bibliografie

  • Terruwe, Anna. De bevestigingsleer. Diverse edities.
  • Terruwe, Anna & Baars, Conrad. Psychic Wholeness and Healing. New York: Sheed & Ward.
  • Frankl, Viktor E. Man’s Search for Meaning. Boston: Beacon Press.
  • Zundel, Maurice. L’homme, ce fragile absolu. Paris: Desclée de Brouwer.
  • Thomas van Aquino. Summa Theologiae.
  • Bijbel: Romeinen 5; Filippenzen 2.

‘Terruwe in dialoog met theologische en existentiële denkers’ – pastoor Geudens

Standaard

Terruwe in dialoog met theologische en existentiële denkers

Summary (English)

Terruwe in Dialogue with Theological and Existential Thinkers

In several articles, pastoor Geudens shows that the insights of Anna Terruwe are not only relevant for psychology, but for every human being. Her understanding of affirmation touches the most fundamental questions of life: Who am I? Am I allowed to exist? Can I open myself to others and to God?

Terruwe discovered that many people suffer because they were never truly affirmed in their early life. They did not experience that they were good and welcome as they were. This lack of affirmation often leads to insecurity, inner tension, and a constant search for recognition. According to pastoor Geudens, this is not merely a psychological problem, but one that affects the very core of being human.

In this context, Geudens places Terruwe in dialogue with thinkers such as Viktor Frankl and Maurice Zundel. Frankl teaches that a person becomes truly human by transcending oneself in love, responsibility, and meaning. However, such self-transcendence is only possible when a person feels inwardly safe. Without affirmation, people remain trapped in self-protection.

Maurice Zundel deepens this insight theologically. He emphasizes that the human person is not called to self-construction or control, but to decentration: letting go of the closed ego in order to make room for others and for God. Geudens shows how closely this vision corresponds to Terruwe’s clinical observations. Where affirmation is lacking, the ego clings to control and power; where affirmation is received, openness and vulnerability become possible.

According to pastoor Geudens, Terruwe, Frankl, and Zundel converge in a single personalist insight: a person does not become fully human through self-assertion, but through received love and relational openness. Human identity is formed in relationship, not in isolation.

This vision finds its deepest expression in the Cross of Christ. For pastoor Geudens, the Cross is not a denial of affirmation, but its ultimate fulfillment. In Christ, God reveals a love that affirms without dominating, that carries without controlling, and that liberates by self-giving. True healing occurs where psychological affirmation, existential meaning, and faith come together under the sign of the Cross.

Inleiding

In verschillende artikelen laat pastoor Geudens zien dat de inzichten van Anna Terruwe niet alleen belangrijk zijn voor psychologen, maar voor ieder mens.1 Haar visie op bevestiging raakt namelijk aan de diepste vragen van het leven: Wie ben ik? Mag ik er zijn? Kan ik mij openen voor anderen en voor God? Daarom brengt pastoor Geudens Terruwe in gesprek met andere denkers, zoals Maurice Zundel en Viktor Frankl.2

Zij helpen om te begrijpen dat genezing niet alleen een psychische zaak is, maar ook te maken heeft met zin, relaties en geloof. Anna Terruwe ontdekte dat veel mensen vastlopen omdat zij zich nooit echt bevestigd hebben gevoeld.3 Ze hebben niet ervaren dat ze goed zijn zoals ze zijn. Dat laat diepe sporen na. Zo iemand blijft onzeker, gespannen of steeds op zoek naar waardering. Pastoor Geudens benadrukt dat dit niet zomaar een psychisch probleem is. Het raakt het hart van het mens-zijn. Wie zich niet bevestigd weet, durft zich moeilijk open te stellen — niet voor anderen, en vaak ook niet voor God.4

Hier sluit het denken van Viktor Frankl aan. Frankl zegt dat een mens pas echt mens wordt wanneer hij zich kan richten op iets of ie mand buiten zichzelf.5 Liefde, verantwoordelijkheid en betekenis geven het leven richting. Maar dat lukt alleen wanneer iemand zich innerlijk veilig voelt. Zonder bevestiging blijft de mens vastzitten in zichzelf.De theoloog Maurice Zundel helpt om dit nog dieper te verstaan. Hij zegt dat de mens niet geroepen is om alles zelf te maken of te beheersen. Echte groei begint wanneer iemand ruimte maakt voor de ander, en voor de Ander.6 Dat noemt hij: loskomen van het ego.

Pastoor Geudens laat zien hoe dit precies past bij Terruwe. Wie nooit bevestigd is, moet zichzelf beschermen. Zo iemand klampt zich vast aan controle, gelijk of macht. Maar wie wél bevestiging heeft ontvangen, kan loslaten. Die durft kwetsbaar te zijn. Die hoeft zichzelf niet steeds te bewijzen. Zo wordt duidelijk: bevestiging helpt een mens om zichzelf niet meer in het middelpunt te zetten, maar open te gaan voor echte relaties.

Volgens pastoor Geudens zeggen Terruwe, Zundel en Frankl in feite hetzelfde, ieder op hun eigen manier: een mens wordt geen persoon door zichzelf groot te maken, maar door ontvangen liefde en door zich te openen voor anderen.7 Dat is heel anders dan wat we vaak horen in onze tijd, waar alles draait om zelfstandigheid en jezelf waarmaken. In het christelijk geloof gaat het anders. Je wordt jezelf juist door relatie: met anderen en met God.

Voor pastoor Geudens komt alles samen bij het Kruis van Christus. Het Kruis is geen afwijzing van de mens, maar juist het grootste teken van bevestiging.8 Jezus laat zien: jij bent zo waardevol, dat Ik mijn leven voor jou geef. Aan het Kruis zien we een liefde die niet dwingt, niet veroordeelt en niet overheerst. Het is een liefde die ruimte geeft, die draagt en die vrijmaakt. Dat is de diepste vorm van bevestiging.

Daarom zegt pastoor Geudens: echte genezing gebeurt waar menselijke bevestiging, zin in het leven en geloof samenkomen. Het Kruis is daarbij geen last, maar een bron van liefde die mensen helpt om werkelijk mens te worden.9


Bevestiging, decentralisatie en persoonswording onder het teken van het Kruis

In meerdere recente artikelen brengt pastoor Geudens de psychologische inzichten van Anna Terruwe expliciet in dialoog met theologische en existentiële denkers, met name Maurice Zundel en Viktor Frankl.10 Deze dialoog is geen academische vergelijking achteraf, maar een inhoudelijke noodzaak die voortkomt uit de innerlijke logica van Terruwe’s mensvisie zelf. Volgens pastoor Geudens maakt Terruwe zichtbaar dat psychologische ontwikkeling nooit louter innerlijk-psychisch is. Zij raakt aan de diepste structuur van het mens-zijn, waarin gevoelsleven, vrijheid, zin en relationele openheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.11

4.1 Bevestiging als voorwaarde voor existentiële vrijheid

Terruwe beschrijft hoe een tekort aan bevestiging het gevoelsleven frustreert en de persoon gevangen zet in innerlijke onveiligheid.12 Deze blokkade uit zich niet alleen in gedrag, maar raakt het vermogen van de mens om zichzelf en de ander vrij tegemoet te treden. In dit perspectief sluit Terruwe nauw aan bij Viktor Frankl. Frankl stelt dat de mens pas werkelijk mens wordt wanneer hij zich kan overstijgen in liefde, verantwoordelijkheid en zin.13 Zonder bevestiging blijft de mens echter opgesloten in zelfbescherming. Pastoor Geudens leest Terruwe daarom als een noodzakelijke correctie op spiritualiteit of ethiek die te snel oproept tot offer en overgave, zonder rekening te houden met de kwetsbaarheid van het gevoelsleven.14

4.2 Maurice Zundel: decentralisatie en ontvankelijkheid

Zundel beschrijft de mens niet als een autonoom project, maar als een wezen dat pas persoon wordt door los te komen van het gesloten ego.15 Deze decentratie opent ruimte voor God en voor de ander. Pastoor Geudens laat zien hoe dit aansluit bij Terruwe: waar bevestiging ontbreekt, klampt het ego zich vast; waar bevestiging ontvangen is, ontstaat ruimte voor kwetsbaarheid en ontvankelijkheid.

4.3 Persoonswording als relationeel gebeuren

Volgens pastoor Geudens convergeren Terruwe, Zundel en Frankl in één personalistisch inzicht: persoonswording gebeurt niet door zelfbevestiging, maar door ontvangen en geschonken liefde.16

4.4 Bevestiging onder het teken van het Kruis

Deze dialoog mondt uit in de kruisspiritualiteit van pastoor Geudens. Het Kruis is geen ontkenning van bevestiging, maar haar voltooiing.17 In Christus verschijnt een liefde die bevestigt zonder te bezitten.

Zo wordt de gekruisigde Christus de ultieme Bevestiger. Voor pastoor Geudens ligt hier de kern van genezing: psychologie, existentiële zin en geloof vormen samen één beweging van liefde, waarvan het criterium het Kruis is.18

Slotbeschouwing

De dialoog die pastoor Geudens ontwikkelt tussen de psychologie van Anna Terruwe en het denken van Viktor Frankl en Maurice Zundel maakt duidelijk dat genezing nooit een eenzijdig proces kan zijn. Psychologische groei, existentiële zin en spiritueel leven horen bij elkaar. Zodra zij van elkaar worden losgemaakt, raakt de mens uiteengerukt in afzonderlijke domeinen, terwijl zijn verlangen juist gericht is op eenheid en samenhang.

Terruwe laat zien dat menselijke vrijheid niet begint bij prestatie, morele inspanning of spirituele oefening, maar bij de ervaring van bevestiging: het mogen bestaan, het ervaren dat men goed is zoals men is. Zonder deze basis blijven oproepen tot verantwoordelijkheid, overgave of zelfgave vaak te zwaar en zelfs onmenselijk. Frankl en Zundel helpen te verstaan waarom dit zo is. De mens kan zich pas openen naar buiten wanneer hij innerlijk veilig is, en ware persoonswording voltrekt zich niet door zelfconstructie, maar door relatie.

Voor pastoor Geudens vindt deze samenhang haar diepste betekenis onder het teken van het Kruis. Het Kruis openbaart een liefde die niet overheerst, niet dwingt en niet veroordeelt, maar bevestigt door zelfgave. Hier vallen bevestiging en offer niet uiteen, maar worden zij één. In Christus wordt zichtbaar dat zelfgave niet voortkomt uit dwang of tekort, maar uit ontvangen liefde. De kwetsbaarheid van de mens wordt niet omzeild, maar door God zelf binnengedragen en getransformeerd.

Deze visie heeft verstrekkende gevolgen voor pastoraat, therapie en geestelijke begeleiding. Genezing kan niet worden herleid tot techniek, en geloof niet tot morele aansporing. Waar bevestiging, zin en geloof samen worden gedragen, ontstaat ruimte voor echte vrijheid, verantwoordelijkheid en gemeenschap. Onder het teken van het Kruis verschijnt genezing niet als herstel van controle, maar als groei in relationele openheid en vertrouwen.

Zo reikt pastoor Geudens meer aan dan een samenvoeging van inzichten. Hij biedt een criterium van onderscheiding: ware genezing — psychisch, existentieel en spiritueel — herkent men daaraan dat zij de mens opent voor de ander en, uiteindelijk, voor God.


Voetnoten

  1. Anna Terruwe, De bevestigingsleer, diverse publicaties; vgl. ook Anna Terruwe & Conrad Baars, Psychic Wholeness and Healing. ↩
  2. J. Geudens, diverse artikelen op pastoorgeudens.com (2024–2026). ↩
  3. A. Terruwe, Psychotherapie en mensbeeld, Nijmegen. ↩
  4. J. Geudens, “Relatie als instrument van genezing”, literatuurstudie. ↩
  5. Viktor Frankl, De zin van het bestaan. ↩
  6. Maurice Zundel, L’homme, ce fragile absolu. ↩
  7. J. Geudens, artikelen over bevestiging en relationaliteit. ↩
  8. Vgl. Joh. 3,16; kruistheologische reflecties bij J. Geudens. ↩
  9. J. Geudens, “Het Kruis als criterium van genezing”, online publicatie. ↩
  10. Idem. ↩
  11. A. Terruwe & C. Baars, Affirmation Therapy. ↩
  12. A. Terruwe, klinische observaties. ↩
  13. V. Frankl, Man’s Search for Meaning. ↩
  14. J. Geudens, pastorale artikelen over bevestiging en vrijheid. ↩
  15. M. Zundel, La présence humble. ↩
  16. Vgl. personalistische antropologie bij Terruwe, Zundel en Frankl. ↩
  17. Fil. 2,6–11; kenotische theologie. ↩
  18. J. Geudens, kruisspiritualiteit en criteriologie. ↩

De Engelstalige synthese van Conrad Baars en Anna Terruwe als sleutel tot haar rijpe werk

Standaard

De Engelstalige synthese van Conrad Baars en Anna Terruwe als sleutel tot haar rijpe werk

Internationale receptie en personalistische verdieping

Pastoor Geudens

Abstract (samenvatting)

This article argues that the English-language collaboration between Anna Terruwe and Conrad W. Baars constitutes a decisive hermeneutical key for understanding Terruwe’s work in its mature and theologically consistent form. Whereas the Dutch reception of Terruwe has long been shaped by ecclesial suspicion and polemical contexts of the 1950s and 1960s, her later English publications—most notably Psychic Wholeness and Healing (1978) and Born Only Once: The Miracle of Affirmation (1976)—represent a post-crisis, post-rehabilitation synthesis that is both historically and conceptually distinct from earlier controversies.

In these works, affirmation is not treated as a therapeutic technique but as a fundamental anthropological condition for human freedom, moral responsibility, and spiritual receptivity. Psychological healing is understood as the restoration of inner wholeness through affective maturation, allowing reason and will to function authentically. This integrated vision aligns implicitly with the personalist turn of Catholic anthropology after the Second Vatican Council, without adopting a defensive or polemical ecclesial posture.

The article further demonstrates that the primary reception of these works occurred in the United States, particularly within priestly formation, pastoral counseling, and Catholic psychotherapy. Precisely because this reception unfolded outside the Dutch church-political context, the English-language corpus offers a privileged interpretive framework for reading Terruwe’s legacy in its most fruitful and enduring form. The article concludes with a personal acknowledgment of the lasting pastoral significance of Terruwe’s insights for priestly ministry, especially her emphasis on affirmation as a healing mediation of truth and love.

Keywords: Anna Terruwe, Conrad W. Baars, affirmation, personalist psychology, pastoral theology, affectivity, healing, Vatican II


Voorwoord

Het levenswerk van Anna Terruwe behoort tot de meest betekenisvolle bijdragen aan de twintigste-eeuwse reflectie op menswording, affectiviteit en innerlijke vrijheid binnen een christelijk kader. Haar fundamentele overtuiging dat de mens in zijn diepste kern goed is en tot rijping komt door bevestigende liefde, heeft een blijvende invloed uitgeoefend op zowel klinische psychologie als pastorale begeleiding.

Van bijzondere betekenis is haar samenwerking met de Amerikaans-Nederlandse psychiater Conrad Baars, waarin haar inzichten een rijpe, internationaal herkenbare vorm hebben gekregen. In hun gezamenlijke Engelstalige publicaties werd haar denken bevrijd uit het beperkte kader van de Nederlandse receptie en opgenomen in een bredere personalistische traditie, waarin psychologische genezing, morele groei en spirituele ontvankelijkheid organisch samenhangen.


Inleiding

Een beslissende correctie op de vaak problematisch belaste Nederlandse receptie van Anna Terruwe ligt in haar Engelstalige publicaties, geschreven in samenwerking met Conrad Baars. Met name Psychic Wholeness and Healing en Born Only Once representeren een rijpe, uitgezuiverde fase van hun denken, die zowel historisch als inhoudelijk losstaat van de kerkelijke verdenking waaronder Terruwe in de jaren vijftig en zestig in Nederland heeft geleden.1 Deze werken zijn tot stand gekomen ná de periode van correctie en rehabilitatie en weerspiegelen een geïntegreerde antropologische visie waarin affectiviteit, rede en wil niet dualistisch tegenover elkaar worden geplaatst, maar organisch worden verstaan binnen een personalistisch mensbeeld.

In deze Engelstalige synthese wordt bevestiging (affirmation) niet gepresenteerd als therapeutische techniek of methodische ingreep, maar als een fundamentele antropologische voorwaarde voor menselijke vrijheid en morele verantwoordelijkheid.2 Psychische genezing wordt beschreven als herstel van innerlijke samenhang (wholeness), waarbij affectieve rijping een noodzakelijke voorwaarde vormt voor authentiek moreel handelen en geestelijke ontvankelijkheid. Daarmee sluiten deze publicaties impliciet aan bij de personalistische heroriëntatie van de katholieke antropologie na het Tweede Vaticaans Concilie, zonder zich te bewegen binnen een defensief of polemisch kerkelijk discours.3

Van bijzonder belang is dat deze werken hun invloed hoofdzakelijk hebben uitgeoefend binnen de Verenigde Staten, met name in contexten van priesteropleiding, pastorale counseling en katholieke psychotherapie.4 Juist doordat deze receptie plaatsvond buiten het Nederlandse kerkpolitieke spanningsveld, functioneren deze Engelstalige publicaties vandaag als een hermeneutische sleutel om Terruwe’s levenswerk te verstaan in zijn rijpste en theologisch meest consistente vorm.


1. Psychic Wholeness and Healing (1978)

Psychic Wholeness and Healing kan worden beschouwd als de meest systematische uiteenzetting van de gezamenlijke visie van Baars en Terruwe. De mens verschijnt hier niet als een probleem dat technisch moet worden opgelost, maar als een relationeel wezen dat geroepen is tot innerlijke samenhang (wholeness).5

Genezing wordt verstaan als herstel van affectieve ordening en innerlijke vrijheid, niet als loutere symptoombestrijding. Bevestiging is geen therapeutische techniek, maar een antropologisch grondgegeven: de mens moet zich gekend, gewild en toegestaan weten om werkelijk vrij te kunnen handelen. De verhouding tussen rede, wil en gevoel wordt expliciet niet dualistisch, maar hiërarchisch en organisch gedacht, in aansluiting bij een thomistisch-personalistische mensvisie.6

Van belang is dat dit werk volledig buiten het kader van Romeinse controverse staat. Het is geschreven in een context waarin de kerkelijke verdenking voorbij is, het conciliaire mensbeeld reeds richtinggevend is, en de auteurs vrij spreken vanuit klinische ervaring én antropologische reflectie. Daarmee is dit boek theologisch betrouwbaar, historisch zuiver en pastorale vruchtbaar.


2. Born Only Once: The Miracle of Affirmation (1976)

Born Only Once is toegankelijker van toon, maar antropologisch niet minder diepgaand. Het geldt in de Verenigde Staten als een klassieker binnen pastorale counseling en priesteropleiding.7 De centrale these is eenvoudig maar fundamenteel: de mens wordt biologisch geboren bij de geboorte, maar persoonlijk geboren door bevestiging.

Baars laat zien dat onvermogen tot liefhebben, vertrouwen en gehoorzamen vaak niet moreel maar affectief gefrustreerd is. Veel destructief gedrag vindt zijn oorsprong niet in kwaadwilligheid, maar in een tekort aan bevestiging. Ware vrijheid en morele verantwoordelijkheid worden pas mogelijk wanneer de mens innerlijk mag bestaan en zich veilig weet in zijn gevoelsleven.8

Juist daarom is dit werk van grote betekenis voor pastorale contexten. Het slaat voortdurend de brug tussen psychologie, ethiek en spiritualiteit en verstaat genezing als een weg door waarheid en liefde, niet door druk, moralisme of morele dwang.


Strategische betekenis

Deze Engelstalige publicaties zijn strategisch beslissend omdat zij post-crisis en post-zuivering zijn, niet belast door Nederlandse kerkpolitiek, en aantoonbare invloed hebben gehad binnen priesteropleidingen, katholieke therapievormen en pastorale counseling in de Verenigde Staten.9 Zij tonen overtuigend aan dat de benadering van Terruwe en Baars geen marginale stroming is, maar een levende traditie waarin psychologische genezing, morele groei en spirituele rijping elkaar wederzijds veronderstellen.

Door deze werken als primaire referentie te nemen, wordt Terruwe gelezen vanuit haar voltooiing en vruchtbaarheid, niet vanuit conflict of verdenking.


Slotwoord

In mijn eigen pastorale arbeid als priester heb ik de inzichten van Anna Terruwe, zoals zij in deze Engelstalige synthese tot rijping zijn gekomen, als bijzonder verhelderend ervaren. Haar nadruk op bevestiging als voorwaarde voor vrijheid, haar inzicht dat waarheid slechts genezend is wanneer zij wordt gedragen door liefde, en haar realistische visie op affectieve groei hebben mijn wijze van luisteren, begeleiden en onderscheiden blijvend gevormd.

Dit artikel wil daarom niet alleen verhelderen, maar ook dankbaarheid uitdrukken: dankbaarheid voor een vrouw die, door beproeving heen, trouw is gebleven aan haar overtuiging van de goedheid van de mens en aan de genezende kracht van bevestigende liefde — en die daarmee een blijvende dienst heeft bewezen aan Kerk, pastoraat en menswording.


Bibliografie

Baars, Conrad W. Born Only Once: The Miracle of Affirmation. New York: Paulist Press, 1976.

Baars, Conrad W., en Anna A. Terruwe. Psychic Wholeness and Healing. New York: Paulist Press, 1978.

Terruwe, Anna A. Psychotherapie en levensbeschouwing. Utrecht: Spectrum, 1972.

Terruwe, Anna A. Genezing van de mens. Utrecht: Spectrum, 1979.

Tweede Vaticaans Concilie. Gaudium et Spes. 7 december 1965. In: Acta Apostolicae Sedis 58 (1966): 1025–1120.

Vekeman, Herman. Diverse artikelen over bevestiging en affectiviteit in theologisch-antropologisch perspectief.


Voetnoten

  1. Vgl. A. Terruwe, Psychotherapie en levensbeschouwing (Utrecht: Spectrum, 1972), 9–23. ↩
  2. C.W. Baars, Born Only Once (New York: Paulist Press, 1976), 15–32. ↩
  3. Tweede Vaticaans Concilie, Gaudium et Spes, nr. 12–22. ↩
  4. C.W. Baars & A.A. Terruwe, Psychic Wholeness and Healing (New York: Paulist Press, 1978), vii–xii. ↩
  5. Ibid., 1–18. ↩
  6. Ibid., 85–112. ↩
  7. Baars, Born Only Once, 1–10. ↩
  8. Ibid., 63–91. ↩
  9. Vgl. receptie in Amerikaanse priesteropleidingen, o.a. Divine Mercy University (voorheen Institute for Psychological Sciences). ↩

Pastoor Geudens, Smakt, 31 januari 2026