Schreef Mozes Genesis?

Standaard

Nieuwsbrief pater Daniel – XVIII.39 –  29 september 2023

Patriarchale verhalen in Genesis en Mesopotamische cultuur in het tweede millennium voor Christus [1]

De verhalen van de aartsvaders (Genesis 12-50) weerspiegelen de cultuur en sfeer van Kanaän aan het begin van het tweede millennium voor Christus. Bij verschillende gelegenheden worden de aartsvaders cultureel geïdentificeerd met “Padan-Aram”, of het noordwesten van Mesopotamië. Abraham verkreeg een vrouw voor Izaäk uit Padan-Aram en de vrouwen van Jakob kwamen ook uit Padan-Aram:

  • Izaäk was veertig jaar oud toen hij Rebekka tot vrouw nam, de dochter van Bethuel, de Aramees, van Paddan Aram, en de zus van Laban, de Aramees (Gen 25:20).
  • Izaäk riep Jakob, zegende hem en gebood hem: “Je zult geen vrouw nemen uit het midden van de dochters van Kanaän. Sta op, ga naar Paddan Aram, naar het huis van Bethuel, de vader van je moeder, en neem daar een vrouw uit de dochters van Laban, de broer van je moeder (Genesis 28, 1-2).

Juist in deze regio van Padan Aram hebben archeologen een reeks teksten ontdekt die meer en opvallende parallellen vertonen dan alle andere met de patriarchale verhalen. Ze zijn afkomstig uit de oude stad Nuzu (of Nuzi), die in het patriarchale tijdperk (15e-14e eeuw v.Chr.) of kort daarna werd verwoest.

Nuzi tabletten – hedendaags Noord-Irak

Nuzi was een Hurriet administratief centrum niet ver van de Hurritische hoofdstad Kirkuk, in het noorden van Irak. Tussen 1925 en 1933 werden in Nuzi opgravingen gedaan door Amerikaanse teams. De belangrijkste ontdekking was die van meer dan 5000 familie- en administratieve archieven die zes generaties besloegen, van ongeveer 1450-1350 voor Christus. Ze gaan over de sociale, economische, religieuze en juridische instellingen van de Hurrieten.

  • De tabletten vermelden praktijken die vergelijkbaar zijn met die in Genesis, zoals adoptie voor kinderloze paren, vgl. Genesis 15, 1-2: “Na deze gebeurtenissen kwam het woord van de Heer tot Abram in een visioen, en Hij zei: Abram, wees niet bang; Ik ben je schild, en je beloning zal zeer groot zijn. Abram antwoordde: “Heer HEER, wat zult u mij geven? Ik ben kinderloos, en Eliezer van Damascus is de erfgenaam van mijn huis.” Omdat Abram nog geen kinderen had, dacht hij eraan Eliëzer van Damascus als zijn erfgenaam te adopteren.
  • Toen Izaäk met Rebekka trouwde, handelde Laban, de broer van Rebekka, de onderhandelingen af, maar hij vroeg Rebekka of ze ermee instemde: Dus zeiden ze: Laten we het meisje roepen en met haar overleggen. Ze riepen Rebekka en zeiden tegen haar:Wil je met deze man meegaan [die door Abraham naar Padan-aram was gestuurd om een vrouw voor zijn zoon Izaäk te zoeken]? En zij zei: Ik zal gaan (Genesis. 24:57-58). Maar toen Laban zijn dochters met Jakob liet trouwen (29:15-30), werden zijn dochters niet geraadpleegd: Jakob had Rachel lief en zei: Ik zal u zeven jaar dienen voor Rachel, uw jongere dochter. En Laban zeide: Ik geef haar liever aan u dan aan een ander. Blijf bij mij” (Genesis 29:18-19). Dezelfde situatie wordt weergegeven in de Nuzi-contracten: als een broer het huwelijkscontract opstelt, wordt de vrouw geraadpleegd, maar dit is niet het geval als de vader het contract opstelt.
  • In Genesis 31:50 vroeg Laban aan Jakob, met God als zijn getuige, om geen andere vrouwen te nemen dan zijn dochters: “Als je mijn dochters mishandelt, en als je nog meer vrouwen neemt, zal het geen man zijn die bij ons is; pas op, God zal getuige zijn tussen jou en mij” (Genesis 31:50). Een soortgelijk verbod komt voor in veel Nuzi-huwelijkscontracten.
  • Ze laten ook het belang zien van de zegening op het sterfbed (vgl. Genesis. 27).
  • Het verhaal van Juda en Tamar (Genesis 38) illustreert de praktijk van het levirataire huwelijk, dat ook in de Nuzi-tabletten wordt aangetroffen. Een weduwe kon niet hertrouwen buiten de familie van haar overleden echtgenoot. Het was aan de broer van de overleden echtgenoot om de lijn van zijn broer voort te zetten door met de weduwe te trouwen.
  • Sommige Nuzi-tabletten, bekend als “zustertabletten”, zijn overeenkomsten waarin een man een vrouw adopteert als zijn zus. In de Hurritische samenleving genoot een vrouw zowel meer bescherming als een superieure positie wanneer ze ook de wettelijke status van zuster had. In dit geval werden er twee aparte documenten opgesteld, één voor het huwelijk en één voor de status van zuster. Dit kan verklaren waarom Abraham (Genesis 12,10; 20,1) en Izaäk (Genesis 26, 7) hun vrouwen hun zussen noemden.[2] :
  • “Toen hij op het punt stond Egypte binnen te gaan, zei Abram tegen Sarai, zijn vrouw: “Ik weet dat je een mooie vrouw bent. Als de Egyptenaren je zien, zullen ze zeggen: ‘Dit is zijn vrouw. En ze zullen mij doden en jou laten leven. Zeg alsjeblieft dat je mijn zus bent, zodat ik omwille van jou goed behandeld word en mijn ziel omwille van jou leeft.” (Gnesis 12, 10-13).
  • “En Izaäk bleef in Gerar. En toen de mannen van de plaats naar zijn vrouw vroegen, zei hij: “Zij is mijn zuster.” Want hij was bang dat als hij zei: “Zij is mijn vrouw,” de mannen van de plaats hem zouden doden, want Rebekka was mooi” (Genesis 26:6-7).

Het is mogelijk dat Abraham en Isaak hun vrouwen van tevoren als zussen adopteerden om hen een hogere status te geven, in overeenstemming met de gewoonten van die tijd.

De Nuzi-archieven laten zien dat de culturele praktijken die in het boek Genesis worden beschreven deel uitmaakten van de lokale cultuur van die tijd. Dit is geen bewijs voor Mozes’ auteurschap van de Pentateuch, maar het laat wel zien dat de verslagen in Genesis volledig overeenkomen met de cultuur van die tijd en het toont de authenticiteit van het boek Genesis aan. Maar hoe kan Mozes het boek Genesis hebben geschreven? Wiseman’s theorie kan ons dat misschien verduidelijken:

De Wiseman-hypothese, ook wel de tabletten-theorie genoemd, is een theorie over het auteurschap en de samenstelling van het boek Genesis die suggereert dat Mozes Genesis samenstelde aan de hand van tabletten die door Abraham en de andere aartsvaders waren overgeleverd. Het is heel goed mogelijk dat de aartsvaders op stenen tafelen schreven en dat Mozes deze verschillende tabletten heeft bestudeerd en zo het boek Genesis gecompileerd heeft – waardoor hij ook als de finale auteur bestempeld wordt. Zie de voetnoot voor meer details.[3].

Hoe het ook zij, laten we niet vergeten dat Jezus vasthoudt aan het auteurschap van Mozes van de Pentateuch: Als jullie Mozes geloven, zullen jullie ook mij geloven, want hij heeft over mij geschreven. Maar als jullie zijn geschriften niet geloven, hoe zullen jullie dan mijn woorden geloven (Johannes 5,46-47)?  En laten we vooral niet vergeten dat elk woord van Genesis 1 tot Openbaring 22 geest en leven is (Johannes 6,63) en nooit zal vergaan (Mattheus 24,35). De hele Schrift is door God ingegeven en is nuttig om te onderwijzen, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de gerechtigheid, opdat de mens Gods volkomen zij en geschikt voor alle goed werk. (2Titus 3,16-17)


[1] Zie : Nuzi Tablets.https://biblearchaeology.org/research/patriarchal-era/3492-great-discoveries-in-biblical-archaeology-the-nuzi-tablets et http://www.walkingwithgiants.net/bible/old-testament/the-nuzi-tablets,

[2] Hoewel Sarah technisch gezien Abrahams zuster was, of beter gezegd halfzuster: Bovendien is het waar dat zij mijn zuster is, de dochter van mijn vader; alleen is zij niet de dochter van mijn moeder; en zij is mijn vrouw geworden. Toen God mij uit het huis van mijn vader wegstuurde, zei ik tegen Sara: “Dit is de gunst die u mij bewijst; waar wij ook gaan, zeg van mij: ‘Dit is mijn broer'” (Genesis 20,12-13). Rebekka was de volle nicht van Izaäk: Izaäk riep Jakob, zegende hem en gebood hem: “Je zult geen vrouw nemen uit het midden van de dochters van Kanaän. Sta op, ga naar Paddan Aram, naar het huis van Bethuel, de vader van je moeder, en neem daar een vrouw uit de dochters van Laban, de broer van je moeder (Genesis 28, 1-2).

[3] Wiseman hypothese Air Commodore P. J. Wiseman, een Britse officier die tijdens zijn carrière in het Midden-Oosten veel actieve archeologische vindplaatsen bezocht, ontdekte dat oude verhalende tafelen gewoonlijk eindigden in colofons die een zeer specifiek formaat hadden dat uit drie delen bestond: 1) “dit is de geschiedenis/het boek/de genealogie van…”, 2) de naam van de persoon die het tablet schreef of bezat, en 3) een datum (zoals “in het jaar van de grote aardbeving” of “het 3e jaar van koning zo-en-zo”, enzovoort. Wiseman merkte op dat er elf zinnen in Genesis zijn met hetzelfde colofonformaat, die al lang geïdentificeerd zijn als de toledoth (Hebreeuws voor “generaties”) passages; het boek is over het algemeen thematisch ingedeeld langs de lijnen van de toledoth.[1] Wat Wiseman nieuw op tafel bracht was het idee dat deze schijnbare colofons erop wezen dat Genesis oorspronkelijk een verzameling verhalende kleitabletten was geweest, geschreven in spijkerschrift, zoals de oude tafelen die hij had gezien, die Mozes had bewerkt tot één document op perkament of papyrus. Dit staat in contrast met de traditionele opvatting dat Mozes Genesis helemaal zelf heeft geschreven zonder bronnen van buitenaf en met de Documentaire hypothese dat Genesis door veel latere en onbekende bewerkers is samengesteld. https://en.wikipedia.org/wiki/Wiseman_hypothesis

Geschapen naar Gods Beeld. Deel II.

Comment 1 Standaard

Nieuwsbrief pater Daniel – XVIII.39 –  29 september 2023

Vorige keer legden we de eerste pijler van ons mens zijn uit opdat we zouden begrijpen dat we geschapen zijn naar Gods beeld. Dit is een onverwoestbaar stempel Gods in het diepst van ons wezen, een “inwoning Gods” die door niets of niemand kan worden weggenomen. Dat leert de joods-christelijke openbaring. Of men dit gelooft of niet, verandert niets aan deze werkelijkheid. Een gelovige zal zijn “beeld Gods” (hopelijk) steeds bewuster beleven, terwijl dit voor een ongelovige in het onbewuste blijft. Ieder mens is geschapen naar Gods beeld en God leeft in ieder mens, maar niet iedereen is zich hiervan altijd bewust.

Laten we nu verder gaan en de structuur van de mens voorstellen. Meestal wordt gezegd dat de mens bestaat uit lichaam en ziel, wat ook juist is.  De ziel is hierbij het levensprincipe. Sterven betekent dat de ziel van het lichaam gescheiden wordt. Ook de dieren hebben een ziel, als levensprincipe. Deze is evenwel niet, zoals bij de mens, begiftigd met verstand en wil. Alleen de mens is geschapen naar Gods beeld. Alleen de mens heeft verstand en wil, bewustzijn, een geweten. Dieren hebben instincten, die evenwel wonderbaarlijk ontwikkeld kunnen zijn. Een leeuw kan brullen met een volume dat vele malen groter is dan dat van een mens, maar alleen een mens kan praten en dialogeren omdat hij een bewustzijn heeft en een persoon is. Op heel de aarde is nergens een kunstwerk te vinden waarvan je kunt zeggen dat enkele centimeters begonnen zijn door een bepaald dier en dat de rest door andere dieren is afgewerkt. Alleen de mens bezit deze scheppingskracht. Alle chemische processen in de mens vinden we terug in het heelal, nergens is er echter ook maar het minste bewustzijn te vinden buiten de mens. En vele jaren evolutie kunnen hieraan niets veranderen.

Zo kunnen we in de ziel van de mens de geest onderscheiden, als het ware, het puntje van de ziel, het onaantastbare heiligdom van Gods aanwezigheid, als de landingsplaats van de heilige Geest.  In die zin herkennen we in de mens een drie-eenheid, naar het woord van Paulus: “Heel uw wezen, geest, ziel en lichaam, moge ongerept bewaard blijven bij de komst van onze Heer Jezus Christus” (1 Thessalonicenzen 5, 23). De mens is dus lichaam (Grieks: soma), ziel (psychè) en geest (pneuma). Ook hier zeggen we niet dat de mens een lichaam, een ziel en een geest “heeft” maar hij “is” helemaal lichaam-ziel-geest.

In de Griekse opvatting gaat alle waardering echter naar de ziel terwijl het lichaam slechts beschouwd wordt als een omhulsel (soma esti sèma). Hiertegen reageerde Jezus (cfr Matheus 15, 11). Het kwade komt niet van het materiele, het voedsel, maar juist van het geestelijke, van onze onzuivere, hebzuchtige, hoogmoedige… gedachten. De materiele schepping is goed. In het begin van het boek Genesis wordt daarom telkens gezegd dat God zag dat het goed was. De eigenlijke strijd gaat niet tussen het materiele (als het kwade) en het geestelijke (als het goede), maar tussen heel de mens die “vleselijk, aards” leeft en heel de mens die “geestelijk” leeft, nl. tussen onze “oude” en “nieuwe” mens, die leeft volgens Gods Geest.

De mens is het kroonstuk van de schepping en de schepping is er voor de mens. Hij is materie maar tevens eindeloos verheven boven de materie. Hij is het enige wezen in het heelal dat een bewustzijn en een geweten heeft en om zichzelf gewild is door God. Heel de natuur is een loflied aan God door te zijn wat ze is. Het is de roeping van de mens om bewust, wetens en willens, God als Schepper boven alles te eren. De mens is als het ware de dirigent van dit concert.

Psalm 139 (138) bezingt de Liefde waarmee God alles omvat: “Gij kent mij Heer, en Gij doorschouwt mij, Gij weet waar ik ga of sta. Van verre kent Gij mijn gedachten, Gij weet waarom ik bezig ben of rust… Want wat er in mij is hebt Gij geschapen, Gij hebt mij als een weefsel in de moederschoot gevormd. Ik dank U om het wonder van mijn leven, voor alle wonderwerken die Gij hebt gemaakt” (v. 1-3, 13-14). Het besef dat wij Gods Beeld zijn, geeft ons de juiste levenshouding, uitgedrukt in deze psalm, nl. wederliefde en dankbaarheid. (volgende keer hierover nog ’n slotbeschouwing).

P. Daniel

Kerngedachten tekst: De Kerk is niet van ons, maar van Christus

Standaard

Onderstaande tekst ‘De Kerk is niet van ons’ bevat belangrijke kerngedachten, hier zijn ze gerangschikt:

  1. Religie en Morele Waarden:
  • Vergelijking van de morele waarden van verschillende culturen, waaronder het christendom en het Confucianisme.
  • De relevantie van religie in de moderne samenleving en de rol van morele waarden in het vormgeven van een gezonde samenleving.
  • Basis van het Christendom:
  • Het christendom als gebaseerd op Openbaring, historische gegevens en getuigenissen, in tegenstelling tot louter wensdenken.
  • Het belang van het integreren van christelijke moraal in het eigen leven en de samenleving.
  • De Rol van Godsdienst en Religie in de Samenleving:
  • Het argument dat religie nodig is voor een vreedzame samenleving en dat het verwijderen van religie chaos kan veroorzaken.
  • Het idee dat wetten en wetenschap mensen niet kunnen veranderen, maar religie wel hulpmiddelen biedt voor positieve verandering.
  • De Kerk en Haar Fundament:
  • De Kerk als gesticht door Christus en eigendom van Hem, met een focus op bijbelse waarden en instructies.
  • Het belang van vasthouden aan tijdloze waarden in plaats van te buigen voor veranderende opvattingen in de samenleving.
  • Natuurwetten en Schepping:
  • Het vergelijken van geestelijke natuurwetten met fysieke natuurwetten.
  • Het idee dat tegen de natuur ingaan uiteindelijk negatieve gevolgen heeft, zoals in het geval van genderidentiteit.
  • Kritiek op Medische Praktijken:
  • Kritiek op medische praktijken die gezonde organen verwijderen of geslachtsveranderingen ondersteunen bij jongeren.
  • Het argument dat dergelijke ingrepen onherstelbaar en onverstandig zijn.

De tekst pleit voor het behoud van traditionele religieuze waarden, met name die van het christendom, en bekritiseert de neiging om religie te vervangen door wetenschap en secularisme in de moderne samenleving.

*** *** ***

Tekst: De Kerk is niet van ons

Toen missionaris Franciscus Xaverius in de 16e eeuw China bezocht, trof hij daar een opmerkelijk geavanceerde cultuur aan. In veel opzichten was de beschaving geavanceerder dan enige andere cultuur in die tijd. Franciscus Xaverius ontdekte dat de morele waarden opvallend veel leken op de christelijke waarden. Dat is niet zo verrassend als we misschien denken, omdat alle morele waarden van die tijd opvallend veel op elkaar leken (hoewel hun theologieën opvallend verschilden). Denk bijvoorbeeld aan de Gouden Regel: alles wat ge wilt dat anderen voor u doen, doe dat ook voor hen. De gouden regel van Confucius is feitelijk identiek: Doe met je naaste niet wat je niet wilt dat hij met jou doet.

Doet religie ertoe? In onze tijd wil men religie het liefst uit de maatschappij verwijderen. Men vindt het maar lastig. Houd het maar achter de voordeur. Het is iets van vroeger, zo wordt dan gezegd. Wetenschap ontrafelt de mysteries wel voor ons. En als wetenschap maar voortschrijdt zal het uiteindelijk alle problemen oplossen. Denk bijvoorbeeld aan de veelzeggende titel van de film over Stephen Hawkin The Theory of Everything. Nogmaals de vraag: doet religie ertoe in onze moderne tijd? De tijd waarin de samenleving uit elkaar valt, de tijd waarin er geen fundament meer is om op te bouwen, geen samenhang meer is, waar we aangewezen zijn op de mening van de toevallige meerderheid in het parlement. Maar je maakt mensen niet goed door wetgeving.

Het christendom is erop gebaseerd dat de wereld niet het gevolg is van een chemische reactie en dit is het toevallige resultaat, maar op een Schepper-God die een bedoeling heeft met zijn schepping. Christendom is gebaseerd op openbaring, op historische gegevens en op getuigen. Niet op wensdenken, niet op dromerijen. De Kerk heeft het Christendom niet bedacht; het is gebaseerd op feiten. Feiten die je kunt natrekken. In de geschiedenis. Op getuigen.

Christus heeft overigens geen nieuwe moraal gebracht. De gouden regel ‘doe voor anderen wat je hoopt dat anderen voor jou doen’ is een regel die iedereen al als een goede regel beschouwde. Een mens heeft nu eenmaal een geweten. De kwestie is dit: de christelijke moraal moet je integreren in je eigen leven. Dat moet je zelf willen. Dat kan niemand anders voor je doen. Ook regels niet, ook een wetgever niet, ook wetenschap niet. Om een samenleving van pais en vree te realiseren, heb je het religieuze nodig. Ban God uit de maatschappij, en je creëert chaos. Altijd. Kijk naar de geschiedenisboeken. Moeder Teresa zei het kernachtig: als mensen niet veranderen, zal de maatschappij ook niet veranderen. Wetten en wetenschap zijn niet in staat mensen te veranderen. Het zijn hooguit de sancties die mensen weerhouden van een bepaald gedrag. Zijn christenen dan betere mensen? Nee. Wel: beter af. Wij hebben hulpmiddelen, aangereikt door de Kerk van Christus, gebouwd op de rots die Petrus heet.

Gij zijt Petrus, en op deze rots zal ik mijn kerk bouwen, en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen. Deze passage is cruciaal voor een goed begrip van wat de kerk is en wat onze rol in de kerk is. Eerst en vooral noemt Jezus de kerk “mijn kerk“. Dit vertelt ons dat Jezus de eigenaar van de kerk is. Niet Petrus, niet de apostelen, niet de bisschoppen of pastoors, niet het gezamenlijke kerkvolk. Nee, de Kerk is niet van ons.  De kerk is gesticht door Christus, die vervolgens Petrus aanwijst om garant te staan dat Jezus’ werk wordt voortgezet. Het geloof wordt ons aangereikt. Wij bepalen de inhoud niet door synodale processen, of door wat de meerderheid wenselijk lijkt. Onze rol is om naar Christus te luisteren en zijn instructies op te volgen. Als een kardinaal zegt dat de kerkelijke moraal sociologisch en wetenschappelijk verkeerd gefundeerd is, luister niet naar hem. De kerkelijke moraal is bijbels gefundeerd. Als bisschoppen menen dat dat men homo-relaties kan zegenen, luister niet naar hen. Ze willen feitelijk dat we zonde geen zonde meer noemen. De bijbel laat er geen twijfel over bestaan dat het dat wel is.

Wat te doen in onze tijd, de tijd van de krimpende kerk. Mijn voetbalteam – jongens van rond de 16 jaar – loopt zo ongeveer een keer per seizoen een enorme zeperd op. Het is zo’n dag dat alles mis gaat en je met 6-0 of nog erger verliest. Wat te doen na zo’n wedstrijd? Nabeschouwen heeft geen enkele zin. Wat wel? Na de wedstrijd cola en kroketten uitdelen, niet meer omkijken, vooruitkijken naar de volgende wedstrijd. Volgende zaterdag beginnen we gewoon weer met goed gemoed met 0-0. Kijk eens naar Paulus, wat hij allemaal niet te verduren had (schipbreuk, gevangenschap, geseling, honger, en nog meer ellende). Nee, hij keek niet om, maar ging door, tegen alles in. En kijk eens wat hij voor elkaar heeft gekregen. Eigenlijk verging het elke heilige zo. Hetzelfde geldt ook voor ons. God geeft ons niet op. Weet dat. Nietzsche zei dat God dood was. Volgens mij is Nietzsche dood. En leeft God. Alle heiligen hebben ervan getuigd en hierdoor het verschil gemaakt? Overal waar wij onze stem niet laten horen, groeit het kwaad, wint de duvel.

De kerk houdt vast aan het geloof. Niet omdat zij niet flexibel zou zijn of omdat zij star of behoudend of weet ik veel wat zou zijn, maar omdat zij vastberaden vasthoudt aan waarden die niet tijdgebonden zijn. Ze houdt vast aan bijbelse waarden, aan Gods woord. Zoals de zondagsplicht, de biecht, een klip en klaar Nee tegen abortus en tegen allerlei merkwaardige relatie-vormen waarvan Jezus heel stellig zegt dat daar geen zegen op rust, want zo zit de scheppingsordening niet in elkaar. Dat is niet meer van deze tijd, zeggen de mensen dan. Dat zal best. De kerk kijkt niet naar wat men vandaag vindt en morgen weer anders over denkt, maar naar hetgeen voor alle tijden geldt.

Er zijn fysieke natuurwetten die voor iedereen gelden, ongeacht wat men ervan vindt. De wet van de zwaartekracht geldt voor iedereen. Water bevriest bij nul graden, wat je daarvan ook maar mag vinden. Zo zit de schepping in elkaar. Zo zijn er ook geestelijke natuurwetten die altijd en voor iedereen gelden. Doe het goede, en er zal zegen op rusten. Doe het kwade, en het zal van kwaad tot erger gaan. Zo zit de schepping nu eenmaal in elkaar. Zo zijn mensen geschapen als man of vrouw. Een jongen kan zichzelf wel verminken omdat hij liever geen jongen wil zijn, het blijft een jongen. Ga tegen de natuur in, en de natuur zal zich wreken. Altijd. Zo zit de schepping nou eenmaal in elkaar. God mag dan wel altijd vergevingsgezind zijn, de mensen soms, de natuur nooit. Je gaat je ongeluk tegemoet. Dat jongeren in de war zijn lijkt mij een normale zaak. Dat mensen hen stimuleren in hun verwarring is voor mij onbegrijpelijk. Ik gun hen wat beters. De meesten komen dan ook later tot andere gedachten. Maar de verminking is onherstelbaar. Ik snap ook artsen niet die meewerken aan het verwijderen van gezonde organen. Ik snap ook niet dat op een leeftijd dat je geen sigaret mag roken, geen auto mag besturen, geen tattoo mag zetten, je wel zonder toestemming van ouders gezonde lichaamsdelen mag laten verwijderen. Nee, niet als het gaat om mijn linkernier of rechteronderbeen. Dat zou dwaas zijn. Ja, net zo dwaas als het verwijderen van borsten en penissen om vervolgens iets aan te bouwen wat niet functioneert.

Bron: https://vitaminexp.blogspot.com/2023/07/de-kerk-is-niet-van-ons-ook-niet-van-de.html