Video: Dr. Denise M. Mari geïnterviewd over het Anna Terruwe

Standaard

Catholic Close-Up – Living Bread Radio Network

Dr. Denise M. Mari geïnterviewd over het Anna Terruwe Museum op 24 november 2017 op het Living Bread Radio Network

Terruwe Baars Rational Psych

Op 24 november 2017 werd dr. Denise Marie Mari, T.O.Carm., geïnterviewd door Michael Roberts, presentator van het radioprogramma Catholic Close-Up, uitgezonden door het Living Bread Radio Network. Het gesprek was gewijd aan het leven en werk van dr. Anna Terruwe (1911–2004), arts, neuropsychiater en doctor in de filosofie, en aan het Anna Terruwe Museum.

Transcript (vertaling uit het gesproken Engels)

Michael Roberts:
Hallo en welkom bij de uitzending. Vandaag spreken we met dr. Denise Mari, die ons zal vertellen over dr. Anna Terruwe. Het begint allemaal nu.


Over dr. Anna Terruwe

Michael Roberts:
Anna Terruwe was een opmerkelijke Nederlandse katholieke neuropsychiater. Bij mij is nu dr. Denise Mari. Zij is oprichter en president van House of Hope International en nauw betrokken bij het Anna Terruwe Museum, dat ondergebracht is bij House of Hope International. We gaan het daar uitgebreid over hebben.
Dr. Mari, dank u dat u bij ons bent bij Catholic Close-Up.

Dr. Denise Mari:
Het is werkelijk een groot genoegen om hier te mogen zijn.

Michael Roberts:
Dit is een mooie gelegenheid om onze luisteraars hier in Ohio kennis te laten maken met Anna Terruwe en met het museum in New Jersey. Laten we bij het begin beginnen. Kunt u ons iets vertellen over Anna Terruwe en haar levensverhaal?

Dr. Denise Mari:
Zeker. Het woord opmerkelijk is zeer treffend. Dr. Anna Terruwe was zonder twijfel een uitzonderlijke neuropsychiater. Zij behaalde niet alleen een artsendiploma, maar ook een doctoraat in de neurowetenschappen. Daarnaast was zij hoogleraar aan een universiteit in Nederland.

Zij werd geboren in augustus 1911 en overleed op 28 april 2004. Zij koos ervoor haar hele leven ongehuwd te blijven, omdat zij ervan overtuigd was dat dit haar in staat stelde zo vruchtbaar mogelijk te zijn in de bijzondere roeping die zij van de Heer had ontvangen.

Gedurende meer dan vijftig jaar werkte zij als neuropsychiater met meer dan zeventienduizend patiënten — een indrukwekkend aantal. Zij doceerde aan de Katholieke Universiteit Nijmegen.
Als pastorale psycholoog en derde-orde karmeliet zie ik haar als iemand die met hart en ziel doceerde: een hoogleraar en clinicus die zich volledig gaf.

Michael Roberts:
Dat is inderdaad indrukwekkend. Haar levenswerk leest als een waarlijk pastorale zending. Hoe bent u zelf met haar werk in aanraking gekomen?

Dr. Denise Mari:
Dat is een bijzonder verhaal. Een voormalige patiënt van een goede vriendin van dr. Terruwe heeft mij letterlijk achternagezeten toen ik nog in mijn graduate studies zat. Zij zei dat ik, als ik katholiek hulpverlener wilde worden, onmogelijk verder kon zonder kennis te maken met Anna Terruwe en haar werk.

Michael Roberts:
En zo is het begonnen?

Dr. Denise Mari:
Inderdaad. En de rest is geschiedenis.


Katholieke mensvisie

Michael Roberts:
Wat bewondert u persoonlijk het meest in haar?

Dr. Denise Mari:
Zij bracht een volledig katholieke visie binnen in de gezondheidszorg. Zij erkende de mens als geheel — geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Dat was het fundament van al haar onderwijs en haar klinische praktijk.

Michael Roberts:
Dat is niet vanzelfsprekend in de wetenschap.

Dr. Denise Mari:
Zeker niet. Een van haar belangrijkste bijdragen was haar toepassing van een katholieke personalistische psychologie, geworteld in het denken van de heilige Thomas van Aquino. Zij paste deze visie toe in zowel diagnostiek als begeleiding en hielp duizenden mensen om tot een rijker leven in Christus te komen.


Het Anna Terruwe Museum

Michael Roberts:
Er is nu ook een museum aan haar gewijd. Kunt u daar iets over vertellen?

Dr. Denise Mari:
Het museum werd formeel geopend in 2017, maar het initiatief begon al in 2015. We brachten haar boeken, artikelen, banden en archiefmateriaal samen om haar nalatenschap te bewaren. Het duurde enkele jaren om het museum in zijn huidige vorm te realiseren.

Bezoekers vinden er meer dan een dozijn tentoonstellingen over haar leven en werk. Er zijn originele video’s, een uitgebreide tijdlijn van haar leven, aandacht voor heiligen die met haar verbonden zijn, en een gebedsbord waarop bezoekers intenties of dankbetuigingen kunnen achterlaten.


Betekenis voor Kerk en samenleving

Michael Roberts:
Als u dit zo beschrijft, doet het denken aan grote kerkleraren.

Dr. Denise Mari:
Inderdaad. Zij stond in een grote katholieke traditie en was zelfs bekend bij paus Johannes Paulus II. Haar werk is van blijvende betekenis, niet alleen voor de Kerk, maar ook voor de samenleving. Zij geloofde diep in de waarheid van God en in de waardigheid van de menselijke persoon. Die waarheid, zo meende zij, moest doorwerken in zorg, opvoeding, politiek en cultuur.


House of Hope International

Michael Roberts:
U bent ook oprichter van House of Hope International. Wat is dat precies?

Dr. Denise Mari:
House of Hope International is een plaats die gewijd is aan het geestelijk welzijn van katholieken. Het is gericht op vorming, geestelijke begeleiding, retraites, eucharistische aanbidding en de integratie van geloof en leven. Het uitgangspunt is dat wij geschapen zijn voor een overvloedig leven in Christus.

Dr. Terruwe benadrukte steeds de “stapstenen” naar geestelijke gezondheid — niet de blokkades, maar de wegen die naar groei leiden.


Zorg voor priesters en religieuzen

Michael Roberts:
U besteedt ook bijzondere aandacht aan priesters en religieuzen.

Dr. Denise Mari:
Ja. In deze turbulente tijden hebben leiders in de Kerk extra zorg en ondersteuning nodig. Wanneer zij zelf geestelijk worden gedragen, kunnen zij vruchtbaar leiding geven aan het volk van God. Het beeld van de Goede Herder staat daarin centraal — ook letterlijk, via een glas-in-loodraam in onze kapel.


Afsluiting

Michael Roberts:
Dr. Mari, dank u voor dit boeiende gesprek. Waar kunnen mensen meer informatie vinden?

Dr. Denise Mari:
Een goed startpunt is:
vimeo.com/annaterruwemuseum : Dat biedt een overzicht en verwijzingen naar verdere informatie.

Michael Roberts:
Hartelijk dank dat u bij ons was. God zegene u.

Dr. Denise Mari:
Dank u wel. God zegene u.

Michael Roberts:
Dit was Catholic Close-Up. Dank voor het luisteren. Tot volgende week.


Samenvattend

Dr. Anna Terruwe: menswaardigheid, genezing en bevestiging

Samenvatting van een radio-interview met dr. Denise Marie Mari (Catholic Close-Up, 24 november 2017)

Op 24 november 2017 werd dr. Denise Marie Mari, T.O.Carm., geïnterviewd door Michael Roberts in het radioprogramma Catholic Close-Up van het Living Bread Radio Network. Het gesprek stond in het teken van het leven en werk van dr. Anna Terruwe (1911–2004), Nederlandse katholieke neuropsychiater, en van het Anna Terruwe Museum in New Jersey.

Dr. Mari schetst Anna Terruwe als een uitzonderlijke figuur binnen de geestelijke gezondheidszorg. Terruwe was niet alleen arts en neuropsychiater, maar ook doctor in de filosofie en hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Gedurende meer dan vijftig jaar werkte zij met meer dan zeventienduizend patiënten. Zij koos bewust voor een ongehuwde levensweg, die zij zag als de meest vruchtbare vorm om haar roeping in dienst van de mens en van God te leven.

Wat Terruwe volgens dr. Mari bijzonder maakt, is haar uitgesproken katholieke mensvisie. Zij benaderde de mens niet fragmentarisch, maar als een geheel van lichaam, psyche en geest, geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Deze overtuiging vormde het fundament van haar klinische praktijk en haar onderwijs. Haar werk was diep geworteld in een personalistische psychologie, geïnspireerd door het denken van de heilige Thomas van Aquino, en gericht op genezing die verder reikt dan louter symptoombestrijding.

In het interview komt ook het Anna Terruwe Museum aan bod, dat in 2017 officieel werd geopend en ondergebracht is bij House of Hope International. Het museum bewaart en ontsluit Terruwe’s nalatenschap via tentoonstellingen, videomateriaal, een chronologische levenslijn en een gebedsruimte. Het wil niet alleen informeren, maar ook uitnodigen tot bezinning en gebed.

Daarnaast licht dr. Mari het werk van House of Hope International toe, een centrum dat zich richt op het geestelijk welzijn van katholieken, met bijzondere aandacht voor leiders in de Kerk. In een tijd van grote druk en kwetsbaarheid onder priesters en religieuzen benadrukt zij het belang van geestelijke ondersteuning en bevestiging, gesymboliseerd door het beeld van de Goede Herder.

Het interview onderstreept de blijvende actualiteit van Anna Terruwe’s gedachtegoed: een visie waarin menselijke waardigheid, genezing en bevestiging samenkomen, en waarin zorg voor de hele mens — lichamelijk, psychisch en geestelijk — centraal staat.

Weerhoudende liefde als pro-life-pastoraal

Standaard

Weerhoudende liefde als pro-life-pastoraal

Pastoor Jack Geudens — Smakt, januari 2026
Trefwoorden: pro-life, pastorale theologie, ontologische waardigheid, barmhartigheid, weerhoudende liefde, Kruis, genezing, priesterschap


1. Pro-life voorbij het louter ethische debat

In het publieke gesprek verschijnt pro-life meestal als een ethisch standpunt binnen discussies over abortus, wetgeving en medische besluitvorming. Dat kader is niet onbelangrijk, maar blijft theologisch beperkt. Het reduceert pro-life tot “een mening” of “een positie”, terwijl de christelijke traditie pro-life dieper situeert: als uitdrukking van een geloofsbelijdenis over God en mens.

Pro-life raakt aan de vraag wie God is als Schepper en Verlosser, en wie de mens is als ontvangen, geroepen en bemind leven. Daarom is pro-life niet primair een ideologisch programma, maar een relationele spiritualiteit: een wijze van kijken, spreken en handelen waarin menselijk leven wordt gedragen in waarheid én barmhartigheid. Wie pro-life enkel moreel definieert, verliest het theologische zwaartepunt: de samenhang van antropologie, soteriologie en pastorale praxis.¹


2. Ontologische waardigheid en de grens van maakbaarheid

De fundering van een christelijke pro-life-visie ligt in het verstaan van menselijke waardigheid als ontologisch gegeven. De mens is niet waardig omdat hij autonoom is, omdat hij presteert, omdat hij “kwaliteit van leven” heeft, of omdat hij gewenst is. De mens is waardig omdat hij bestaat: als persoon die door God wordt gekend en gewild.

Deze grondintuïtie is conciliair verwoord: menselijke waardigheid is niet functioneel, maar principieel.² Waar waardigheid conditioneel wordt (afhankelijk van keuze, nut, gezondheid of sociale erkenning), verschuift vrijheid van relationele openheid naar instrumentele macht. Leven wordt dan iets wat men kan toekennen of ontzeggen.

Hier ligt de kern van de hedendaagse crisis: niet enkel een moreel probleem (“wat mag?”), maar een antropologische verschuiving (“wie telt?”). Pro-life is in dit perspectief het bewaren van een grens tegen instrumentalisering: juist daar waar het leven kwetsbaar, afhankelijk, ongezien of ongewenst is.


3. Pastoraal realisme: relatie als locus van genezing

Wanneer pro-life wordt verstaan als pastorale kerncategorie, verschuift de vraag van louter normcommunicatie naar genezende praxis. Pastoraal handelen kan niet volstaan met “nabijheid” als slogan. Nabijheid wordt pas genezend wanneer zij relationeel doordacht en structureel betrouwbaar is: de relatie zelf moet drager worden van waarheid, troost, begrenzing en hoop.

Daarom is pro-life niet alleen “nee” tegen levensvernietiging, maar ook “ja” tegen concrete vormen van begeleiding: luisteren, dragen, rouw toelaten, schuld en schaamte niet ontkennen maar omvormen, en mensen opnieuw inschakelen in betekenisvolle relaties. Pro-life vraagt dus om een pastorale rationaliteit die tegelijk normatief en therapeutisch is, zonder te vervallen in moralistische hardheid of in relativistische troosttaal.


4. Bevestigende én weerhoudende liefde

In deze context is het onderscheid tussen bevestigende en weerhoudende liefde fundamenteel. Bevestigende liefde zegt: “Het is goed dat jij er bent.” Zij raakt de persoon in zijn bestaansrecht, vóór elke prestatie of correctie. Maar een pastorale praxis die alleen bevestigt, loopt het risico destructie mee te normaliseren.

Daarom behoort ook weerhoudende liefde tot de pastorale kern: zij zegt “Dit schaadt het leven; dit kan niet worden bevestigd.” Weerhoudende liefde is geen koude norm, maar een vorm van relationele zorg die het leven beschermt wanneer het op de rand van vernietiging komt—ook wanneer die vernietiging voortkomt uit angst, wanhoop, druk of innerlijke verwarring.

De psychologische en antropologische inzichten van Anna Terruwe en Conrad Baars helpen deze structuur te articuleren: genezing veronderstelt dat de mens zich existentieel bevestigd weet, terwijl destructieve patronen tegelijk begrensd worden.³ Bevestiging zonder weerhouding wordt leeg; weerhouding zonder bevestiging wordt hard en brekend. Een pro-life-pastoraal die deze integratie verliest, verliest haar genezende kracht.


5. Pro-life en het gekwetste leven na morele breuk

Een theologisch volwassen pro-life-benadering beperkt zich niet tot het ongeboren leven. Zij omvat ook het gekwetste leven: het innerlijk leven van wie door morele breuk, schuld, schaamte, verlies en existentiële ontwrichting verwond is geraakt. Juist hier wordt zichtbaar of pro-life werkelijk een pastorale categorie is.

De katholieke traditie benoemt abortus als intrinsiek kwaad, niet om te veroordelen, maar om een fundamentele grens ter bescherming van het leven te bewaren.⁴ Tegelijk spreekt de Kerk met pastorale bewogenheid tot wie door abortus innerlijk verwond is geraakt. In die dubbele beweging—normatieve helderheid én barmhartige nabijheid—ligt de kern van een authentieke pro-life-pastoraal.⁵

Pro-life is dan geen strijdterm, maar een weg van genezing: het herstellen van relaties, het toelaten van rouw, het doorbreken van isolatie, en het herontdekken van waardigheid die niet afhankelijk is van wat iemand gedaan heeft of meegemaakt heeft.


6. Rachel’s Vineyard als voorbeeld van genezende praxis

In dat pastorale veld hebben initiatieven zoals Rachel’s Vineyard bijzondere betekenis, omdat zij concreet laten zien hoe waarheid en barmhartigheid kunnen samengaan in een begeleidingsweg. Zonder de morele waarheid te ontkennen, bieden zij een proces waarin rouw, verzoening en herstel van relaties ruimte krijgen. Het gaat niet om “een programma dat schuld wegpraat”, maar om een weg die mensen uit schaamte en zwijgen haalt, zodat het gekwetste leven opnieuw kan ademen en gedragen kan worden.

Daarmee bevestigt Rachel’s Vineyard een wezenlijk pro-life-inzicht: bescherming van leven eindigt niet bij een norm, maar vraagt om pastorale structuren die genezing mogelijk maken.


7. Het Kruis als criterium: waarheid zonder wreedheid, barmhartigheid zonder relativisme

Het diepste criterium voor een christelijke pro-life-pastoraal is het Kruis van Christus. In het Kruis openbaart God zich niet als degene die het lijden vermijdt, maar als degene die het leven draagt door het lijden heen. God redt het leven niet door het te elimineren, maar door het op zich te nemen.

Het Kruis corrigeert twee ontsporingen die in het pastorale veld steeds terugkeren:

  1. Harde moraal zonder barmhartigheid: ze breekt de persoon en vergroot schaamte, waardoor genezing juist onmogelijk wordt.
  2. Barmhartigheid zonder waarheid: ze relativeert het kwaad en ontneemt zo de mogelijkheid tot reële bekering en herstel.

Onder het teken van het Kruis worden waarheid en barmhartigheid één: niet als compromis, maar als kruisvormige liefde. In die zin is “weerhoudende liefde” uiteindelijk een christologische categorie: zij bewaart de grens van het leven, en opent tegelijk de weg van verrijzenishoop voor wie innerlijk gewond is.


8. Priesterschap als sacramentele gestalte van pro-life

Binnen deze horizon is het priesterschap intrinsiek pro-life. De priester is geen morele scheidsrechter en geen ideologisch woordvoerder, maar een sacramenteel teken van Gods barmhartige nabijheid bij kwetsbaar leven. In biecht en Eucharistie, in gesprek en zegen, wordt zichtbaar dat de mens niet wordt gereduceerd tot zijn falen, maar wordt opgenomen in een weg van verzoening, waarheid en hoop.

Hier krijgt pro-life een concrete kerkelijke vorm: niet als slogan, maar als gestalte—als beschikbaarheid, trouw, luisterende aanwezigheid en betrouwbare begeleiding.⁶


Slot: pro-life als integrale pastorale theologie

Pro-life is geen randthema, maar een kerncategorie van pastorale theologie. Het beschermt het leven niet door macht of dwang, maar door relationele structuren van waarheid, barmhartigheid en weerhoudende liefde. Onder het teken van het Kruis verschijnt pro-life als weg waarop ongeboren leven principieel wordt verdedigd, gekwetst leven existentieel wordt geheeld, en menselijke waardigheid theologisch wordt bewaard.

Waar de Kerk deze weg gaat, wordt zij werkelijk een Gemeenschap die het leven draagt.


Voetnoten

  1. Evangelium Vitae, nr. 2–3.
  2. Gaudium et Spes, nr. 12 en 27.
  3. Anna Terruwe & Conrad W. Baars, Psychic Wholeness and Healing (New York, 1972); idem, Healing the Unaffirmed (New Rochelle, 1976).
  4. Catechismus van de Katholieke Kerk, nr. 2270–2275.
  5. Evangelium Vitae, nr. 99; vgl. Reconciliatio et Paenitentia.
  6. Pastores Dabo Vobis, nr. 16–18.

Wanneer mocht jij eigenlijk bestaan?

Standaard

Wanneer mocht jij eigenlijk bestaan?

Over waardigheid en de wijsheid aan de rand van de Academie


Voorwoord

Deze tekst wil geen betoog zijn in strikte zin, maar evenmin een vrijblijvend stukje proza. Zij is ontstaan uit de overtuiging dat waarheid niet alleen wordt voortgebracht in collegezalen en boeken, maar ook — en soms vooral — in de ontmoetingen die zich afspelen aan de rand van het academische leven.

Wat hier volgt is een reflectie op menswording, bevestiging en waardigheid, verwoord vanuit het perspectief van theologie en psychologie, maar gericht tot iemand die zelden in zulke termen wordt aangesproken. Juist daarin ligt haar bedoeling: zichtbaar maken dat wijsheid niet samenvalt met positie, en dat sommige vragen meer onthullen dan hele bibliotheken.


Beste man, die de gangen schoonhoudt, terwijl wij denken,

Sta mij toe dit even te formuleren zoals ik het in de collegezaal zou doen —
maar dan zonder PowerPoint,
en met aandacht voor degene die het lokaal schoonhoudt
terwijl wij professoren denken dat wij het begrijpen.

Wat wij, met onze boeken, termen en theorieën, bevestiging noemen,
is in wezen niets anders dan dit:
dat een mens innerlijk tot rust komt
omdat hij niet langer hoeft te bewijzen
dat hij het recht heeft om te bestaan.

De psychiater Anna Terruwe heeft dit klinisch zichtbaar gemaakt:
waar een mens nooit bevestiging ontving,
ontstaat geen vrijheid maar spanning;
geen liefde maar controle;
geen openheid maar overleving.1

De theologie —
waar ik beroepshalve mijn brood mee verdien —
heeft daar eeuwenlang moeite mee gehad.
Zij sprak sneller over zonde
dan over angst,
sneller over plicht
dan over gemis.2

En toen kwam jij binnen,
met een dweil en een zin
die geen enkele professor kan verbeteren:

“Wanneer mocht jij eigenlijk bestaan?”

Zie je, man die de gangen schoonhoudt,
daar valt de hele antropologie stil.

Want die vraag raakt aan wat wij
de voor-ethische laag van het mens-zijn noemen:
dat iemand eerst moet zijn,
voor hij iets kan doen (agere sequitur esse);3
dat hij eerst moet ontvangen,
voor hij zich kan geven.4

Wij professoren noemen dat
gratia praeveniens,
affectieve ontvankelijkheid
of relationele constitutie van de persoon.5

Jij noemt het:

“Dat je niet steeds zo je best hoeft te doen.”

En eerlijk gezegd —
dat is preciezer.

Dus als jij ’s avonds de gang schoonmaakt
waar wij over het Kruis debatteren,
weet dan dit:
jij bewaakt iets wat wij vaak vergeten zijn,
namelijk dat waarheid alleen landt
waar iemand zich veilig weet.6

En mocht iemand je ooit vragen
wat jij bijdraagt aan de theologie,
zeg dan gerust:

“Ik help mensen zodat ze niet vallen
over dingen waar ze nooit over mochten praten.”

Dat is —
naar mijn beste academische oordeel —
meer dan genoeg.

Met achting —
en met dank voor het schoonmaken
van wat wij intellectuelen soms onbedoeld achterlaten.

De professor


PS

Het is goed mogelijk dat wij de antwoorden van de man met de poetsmiddelen niet meteen begrijpen. Misschien klinken zijn woorden zelfs ingewikkelder dan die van de professor. Dat ligt niet aan hun moeilijkheid, maar aan hun eenvoud.

Sommige zinnen zijn zo direct, zo dicht bij het leven, dat wie gewend is aan uitleg en theorie er eerst geen grip op krijgt. Ze vragen geen analyse, maar herkenning. Wie ze niet meteen begrijpt, hoeft ze niet te verklaren — het is vaak genoeg om ze even te laten staan.


Slotwoord

Deze tekst wil geen tegenstelling creëren tussen denken en doen, tussen academie en dagelijks werk. Integendeel: zij wil laten zien dat ware kennis ontstaat waar denken en leven elkaar ontmoeten. Waar woorden wortel schieten in ervaring, en waar vragen niet worden gesteld om te ontmaskeren, maar om ruimte te scheppen.

Misschien is dat uiteindelijk de taak van elke wetenschap die zich met de mens bezighoudt: niet om mensen hoger op te tillen dan zij kunnen dragen, maar om de grond onder hun voeten begaanbaar te maken.

Voetnoten

  1. A. Terruwe, De bevestigingsleer; vgl. A. Terruwe & C. Baars, Psychic Wholeness and Healing. ↩
  2. Vgl. kritische noties in de pastorale theologie over moraliserende benaderingen zonder affectieve gronding. ↩
  3. Klassieke formulering bij Thomas van Aquino: agere sequitur esse (Summa Theologiae). ↩
  4. Idem; ontvankelijkheid als voorwaarde voor moreel handelen. ↩
  5. Gratia praeveniens (voorafgaande genade): Rom. 5,8; Fil. 2,6–11. ↩
  6. Relatie en veiligheid als voorwaarde voor waarheid en leren; vgl. personalistische antropologie. ↩

Bibliografie

  • Terruwe, Anna. De bevestigingsleer. Diverse edities.
  • Terruwe, Anna & Baars, Conrad. Psychic Wholeness and Healing. New York: Sheed & Ward.
  • Frankl, Viktor E. Man’s Search for Meaning. Boston: Beacon Press.
  • Zundel, Maurice. L’homme, ce fragile absolu. Paris: Desclée de Brouwer.
  • Thomas van Aquino. Summa Theologiae.
  • Bijbel: Romeinen 5; Filippenzen 2.