Een niet katholieke UCL en politiek correcte bisschoppen

Standaard

mennenAls op een katholieke universiteit een docent filosofie op zijn vakgebied tot de conclusie komt dat abortus moord is op onschuldige menselijke wezens en dus moreel ontoelaatbaar, dan komt dat één op één overeen met de katholieke leer. Je zou dan verwachten dat de leiding van de universiteit blij is met een dergelijke professor die toch in zijn colleges de katholieke grondslag van de universiteit uitdraagt. Zo niet de UCL (Université Catholique de Louvain), dat is de Franstalige afdeling van de Leuvense katholieke Universiteit. Zij zet in plaats daarvan de professor op non-actief en start een disciplinaire procedure tegen hem. De Universiteit deelt mee dat ze loyaal is aan de Belgische wetten – en daarin is abortus goedgekeurd – en dat ze het eens is met het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw zoals dat in die wetten is neergelegd. Je zou zeggen: dat is de wereld op zijn kop. Het is immers voor ieder weldenkende katholiek een schokkend idee dat een katholieke universiteit meent dat de moraal niet bepaald wordt door de (natuur)wet van God, verkondigd en uitgelegd door de Kerk, maar door libertijns-heidense wetten, goedgekeurd door een parlement dat niet meer moreel besef heeft als het “politiek correcte gevoel van het ogenblik”. Zover gaat blijkbaar de decadentie dat een katholieke instelling een katholieke werknemer vervolgt omdat hij katholiek is.


Je zou dan verwachten dat de Bisschoppen die toch de behoeders zijn van de katholiciteit van hun universiteit in de bres springen voor een moedige katholieke filosofieprofessor die (wellicht als een van de weinigen) doet wat je van hem mag verwachten. Maar niets is minder waar. De bisschoppen in het algemeen, maar zeker die van België, blinken uit in een welbepaalde, verkeerde beleving van de deugd van “prudentia” die hen voornamelijk verleidt tot nietszeggende uitspraken en katholiek non-beleid. Ze voelen er blijkbaar niets voor martelaren te worden voor de katholieke waarheid. Daarmee missen zij echter in hoge mate die andere hoofddeugd, namelijk die van de “fortitudo” (kracht, vastberadenheid) die in onze tijd zo nodig is. Immers binnen een moreel verziekte en verloederde maatschappij, is het de taak van de Kerk, lees de bisschoppen, “te pas en te onpas” (2 Tim. 4, 2) de waarheid van God omtrent de zedelijke orde te verkondigen. Anders maken ze zich mede schuldig aan hen die verloren gaan.

Pater Tommy Scholtes sj, de woordvoerder van het episcopaat, zegt dat ze niet willen tussenkomen bij de interne disciplinaire procedure. De bisschoppen wachten de uitslag af. Ze hopen dat er naar aanleiding van de kwestie een “sereen maatschappelijk debat” over abortus kan ontstaan. “De Kerk is tegen abortus maar maakt onderscheid tussen een daad en personen. Zij begrijpt dat vrouwen of koppels soms voor abortus kiezen. Het is een drama voor het kind, de ouders en de maatschappij. Uit begrip voor de omstandigheden wil zij met nuance en tact en zonder veroordeling hierover spreken”. Natuurlijk moet je onderscheid maken tussen de zonde en de zondaar maar dat betekent toch niet dat je wazig hoeft te doen over de zonde. Zou pater Scholtes op zelfde manier praten over moord, kindermisbruik of jodenvervolging om maar enkele zware zondes te noemen? Ik denk het niet, want dat zou maatschappelijk niet geaccepteerd worden. Toch geldt ook dan dat je onderscheid moet maken tussen de daad op zich en de schuld van degene die de daad bedrijft. Nee, pater Scholtes, u durft abortus niet radicaal te veroordelen als een daad die per se altijd kwaad is zoals de Kerk leert. Want dat past niet in heidense publieke opinie. U wilt met de bisschoppen blijkbaar net zover gaan dat je het katholieke geloof niet ontkent, maar dat je je er ook maatschappelijk geen buil aan valt. Natuurlijk moeten wij in het pastoraal omgaan met de dader begrip en mededogen tonen maar dat betekent niet dat we de daad op zich niet mogen en moeten veroordelen. Zo staat er op moord in het kerkelijk recht geen automatische excommunicatie maar wel op de moord op een weerloos kind in de moederschoot. Dat is dus blijkbaar veel erger. Dat neemt niet weg dat als de daders berouw tonen er altijd barmhartigheid is. Maar een soort voorafgaande of begeleidende barmhartigheid als die van pater Scholtes en dus van de Belgische bisschoppen is niet katholiek. In dit verhaal gedraagt zich maar één persoon als een echte katholiek en dat Stéphane Mercier, de jonge filosofieprofessor.

Vlijmen 6 april 2017, http://www.mennenpr.nl/

De Mattei: ‘Licht op de hedendaagse crisis’

Standaard
Door Roberto de Mattei, New York 27 maart 2017
roberto_de_matteiVerjaardagen in 2017
Evenals in een mensenleven worden verjaardagen ook gevierd in het leven van volkeren. En 2017 is vol verjaardagen; niet echter allemaal verjaardagen die een taart met kaarsjes verdienen.
De verjaardag waar het meest over gesproken wordt is die van Martin Luther. Vijfhonderd jaar zijn voorbijgegaan sinds 31 oktober 1517 toen Luther zijn 95 stellingen op de hoofddeur van de kathedraal van Wittenberg spijkerde. Een handeling die de zogenaamde protestantse hervorming in gang zette en het einde van het middeleeuwse christendom markeerde.
Twee eeuwen later, op 29 juni 1717 werd de Grootloge van Londen gesticht. Deze gebeurtenis wordt als de geboorte van de moderne vrijmetselarij beschouwd die op haar beurt nauw verbonden is met de Franse Revolutie. De vrijmetselaarsloges waren feitelijk de intellectuele en de actie-ve werkplaatsen waarin de revolutie van 1789 werd bekokstoofd.
Op 26 oktober of 7 november, al naargelang de Gregoriaanse of Juliaanse kalender wordt gebruikt, bezette de bolsjewiekenpartij van Lenin en Troski het winterpaleis in St.-Petersburg. Zo deed de Russische Revolutie zijn intrede in de geschiedenis en heeft die nog steeds niet verlaten.

1517, 1717, 1917, dit zijn drie symbolische datums, drie gebeurtenissen die onderdeel zijn van één enkel proces. Pius XII vatte het in zijn toespraak tot de leden van de Katholieke Actie op 12 oktober 1952 als volgt samen: “Christus ja, de Kerk nee (de protestantse revolutie tegen de Kerk); en dan God ja, Christus nee (de vrijmetselaarsrevolutie tegens de centrale mysteries van het christen-dom); tenslotte de goddeloze kreet: God is dood; liever: God heeft nooit bestaan (de atheïstische communistische revolutie). En hier  -aldus concludeert Pius XII- hebben we dan de poging om de wereld te bouwen op fundamenten die Wij zonder aarzelen beschrijven als de principes die verant-woordelijk zijn voor het kwaad dat de mensheid bedreigt”.
Drie stadia in één enkel proces dat nu zijn hoogtepunt bereikt. De Kerk noemde het Revolutie met een hoofdletter R om het metafysische wezen ervan en zijn eeuwenoude historische betekenis te beschrijven.
Er is echter dit jaar nog een vierde verjaardag die tot op heden maar weinig besproken is. 2017 is ook het eerste eeuwfeest van de verschijningen in Fatima en juist in het licht van Fatima wil ik de drie revoluties die we dit jaar gedenken, aan een onderzóek onderwerpen.

Sommige belangrijke principes
Het eerste element dat we moeten benadrukken is dat we hier spreken over historische feiten. De verschijningen van onze Lieve Vrouw in Fatima, tussen 13 mei en 13 oktober 1917, zijn objectieve historische feiten, niet een subjectieve religieuze ervaring van onze Lieve Vrouw die aan de drie herdertjes verschijnt. Historici die doordrenkt zijn van het rationalisme waaronder vele katholieke, willen al wat bovennatuurlijk is als niet historisch beschouwen en dat betreft dan wonderen, openbaringen en hemelse boodschappen. Ze verwijzen die naar de private sfeer van het geloof. Deze wonderen echter, de verschijningen en boodschappen zijn, als ze echt zijn, deel van de geschiedenis op dezelfde wijze als oorlog en vrede en al wat er in de geschiedenis is gebeurd en in de ge-schiedenis wordt opgetekend.
De verschijningen van Fatima waren gebeurtenissen die op een heel bepaalde plaats op een speci-fiek moment in de geschiedenis gebeurd zijn. Het zijn gebeurtenissen die gecheckt zijn door duizenden getuigen en door canoniek onderzoek dat eindigde in 1930. Zes pausen in de 20ste eeuw erkenden openlijk de verschijningen van Fatima, al heeft niemand van hen volledig voldaan aan wat gevraagd werd. Paulus VI, Johannes Paulus II en Benedictus XVI hebben als paus het heiligdom bezocht, terwijl Johannes XXIII en Johannes Paulus I erheen zijn gegaan toen zij nog de kardinalen Roncalli en Luciani waren. Pius XII stuurde zijn delegaat, kardinaal Aloisi Masella. Zij hebben allemaal Fatima geëerd.
Maar de boodschap van Fatima is om een andere reden een historisch gebeuren: het is een privé openbaring niet alleen voor het geestelijk welzijn van hen die de openbaring ontvingen – de drie herdertjes – maar van heel de mensheid.
De Kerk maakt een onderscheid tussen de publieke Openbaring en privé openbaringen. De publieke Openbaring van de Kerk eindigde met de dood van de laatste evangelist, St. Jan. Maar St. Thomas leert dat openbaringen en hemelse profetieën doorgaan zelfs na de afsluiting van de publieke Openbaring, niet om die aan te vullen of om een nieuwe leer te verkondigen maar om het gedrag van de mensen meer in overeenstemming met de openbaring te brengen [1]. Soms zijn privé openbaringen bestemd voor de geestelijke vervolmaking van hen die deze bovennatuurlijke gaven ontvangen. Op een ander moment, zoals bij de Heilig Hart boodschappen aan de H. Margareta Maria Alacoque, zijn ze gericht op het welzijn van de Kerk en heel de samenleving. Het Heilig Hart van Jezus staat in het centrum van de openbaringen van Paray-le-Monial en het Onbevelekt Hart van Maria staat in het centrum van de openbaringen in Fatima. Fatima en Paraye-le-Monial zijn privé openbaringen voor heel de mensheid. Zij hebben de kenmerken van de grote “spirituele richting” waarin de Heer het gedrag van de mensen wil richten op bepaalde momenten in de geschiedenis.
Een derde principe komt voort uit het feit dat sommige privé openbaringen zoals Fatima niet bestemd zijn voor het welzijn van afzonderlijke individuen maar voor de hele samenleving in een bepaalde historische periode. Privé openbaringen helpen ons een verklaring te vinden voor de histo-rische tijden waarin we leven maar de tijden waarin we leven op hun beurt helpen de betekenis van de openbaringen beter te verstaan. Er is een wederkerigheid. Als het waar is dat de goddelijke woorden licht werpen op de donkerste periodes van de geschiedenis, dan is het tegengestelde ook waar: de loop van historische gebeurtenissen helpt ons in donkere tijden de profetieën en openbaringen te begrijpen. Op het eeuwfeest van de verschijningen van Fatima is het dus noodzakelijk de woorden van onze Lieve Vrouw te lezen in het licht van de gebeurtenissen in de afgelo-pen eeuw, een destructieve eeuw [2], om er zeker van te zijn dat het licht van deze boodschappen met grotere helderheid de duisternis verlicht van de tijd waarin we nu leven.

De Russische Revolutie van 1917
De geschiedkundige achtergrond waartegen de verschijningen van Fatima plaats vonden was die van een verschrikkelijke oorlog, die historisch de “Grote Oorlog” wordt genoemd: de oorlog tussen 1914 en 1918 die alleen in Europa al meer dan negen miljoen slachtoffers kende. Een bloedbad dat in datzelfde jaar 1917 door paus Benedictus XV werd aangeduid als een “zinloos bloedbad” [3]. Een zinvol bloedbad alleen voor de anti-christelijke revolutie die in de oorlog de mogelijkheid zag om “Europa in republieken te veranderen”  [4] en de doelen van de Franse Revolutie te bereiken.

Lees hier verder: Mennenpr.nl